Duurzame grondstoffenwinning

Hout voor papierproductie komt meestal van aangeplante productiebossen die na een bepaalde tijd kaalgekapt worden. Vanuit milieuoogpunt zijn dergelijke aanplantingen bijzonder weinig waard. De bossen kunnen immers niet als echte bossen beschouwd worden. Ze zijn gelijkjarig en gelijksoortig, ze bestaan uit supersnel groeiende bomen en kunnen nooit tot volledige wasdom komen omdat ze worden gerooid van zodra ze de gewenste grootte bereikt hebben. Het dieren- en plantenleven is er soortenarm en niet te vergelijken met natuurlijke bossen. De bossen worden kaalslagen over grote oppervlakten waardoor de levensgemeenschap (bodemfauna e.d.) die zich toch nog ontwikkelt, helemaal vernietigd wordt door blootstelling aan licht en uitdroging. Bovendien kan er bodemerosie optreden.

Maar ook de natuurlijke bossen (de oerbossen) worden kaalgekapt en moeten wijken voor plantages. Dat leidt tot de teloorgang van hele ecosystemen, en ook bosvolkeren die in harmonie met het bos leven moeten opkrassen of ‘zich aanpassen’. Naast het menselijk leed dat daarmee gepaard gaat verdwijnt telkens ook een uniek stukje van het aards cultuurpatrimonium. Sommigen benadrukken graag dat het Europese bosareaal tegenwoordig uitbreidt, maar dan hebben ze het wel over de aangeplante monoculturen. Het aandeel oerbos blijft echter dalen.

Om te weten of papier nu op duurzame en milieuvriendelijke wijze werd geproduceerd moet men in eerste plaats de herkomst van de vezels kunnen achterhalen. 100% gerecycleerd papier van post-consumptiemateriaal bestaat voor 100% uit oude vezels en hebben de minste impact op het milieu. Elke vezel kan tot 6 maal herbruikt worden. Daarna zijn ze te kort om stevig papier te maken. Daarom is een toevoer van nieuwe vezels onontbeerlijk.

Kringlooppapier

Bij de grondstof voor kringlooppapier, oud papier, maakt men het onderscheid tussen pre-consumptie en post-consumptie oud papier. Pre-consumptie oud papier is zeer edel oud papier zoals snijresten van drukkerijen of enveloppenmakers of vers papier dat in de machine gescheurd is. Van zulk papier is het niet meer dan logisch dat het gerecycleerd wordt: het is zuivere en onbezoedelde grondstof. Door dit papier te hergebruiken, kunnen de papierproducenten echter trots gewag maken van “gerecycleerd papier”, wat erg misleidend is.

Bij post-consumptiepapier gaat het dus om papier dat al eens gebruikt geweest is. Naargelang de soort, de mate van bedrukking en de zuiverheid waarmee het binnengebracht wordt, wordt het onderverdeeld in lage, midden- en bovensoorten.

FSC-hout

Om nieuwe vezels te evalueren bestaat er het FSC label. De Forest Stewardship Council streeft naar verantwoord bosbeheer wereldwijd en heeft hiervoor een systeem van boscertificering opgezet. Verantwoord bosbeheer houdt rekening met het milieu, heeft een sociale dimensie en is economisch haalbaar. Wereldwijd is nu reeds om en bij de 90 miljoen hectare bos FSC gecertificeerd (cijfers mei 2007).

Ook papier kan een FSC label krijgen. Een FSC gelabeld product draagt een van de 3 volgende labels:

  • Een ‘FSC 100%’ label, wat aantoont dat alle vezels in het product afkomstig zijn uit een FSC gecertificeerd bos.
  • Een ‘FSC recycled’ label voor producten die volledig bestaan uit gerecycleerde vezels, met een merendeel aan postconsumer materiaal (minstens 85%).
  • Een ‘FSC mixed’ label voor papierproducten die afkomstig zijn uit productieprocessen waar verse vezels uit een FSC bos gebruikt worden samen met gerecycleerde vezels en/of vezels uit gecontroleerde bronnen (i.e. bronnen met een minimale garantie op vlak van bosbeheer waarbij alle mogelijke controversiële bronnen vermeden worden).

Naast het FSC label maakt men vaak ook melding van het PEFC label (het Pan European Forest Certification) als duurzaam label. Dit is echter een systeem dat regionaal wordt toegepast, waardoor de betekenis van het label enorm verschilt van land tot land. Verder is de standaard die wordt gebruikt om het bosbeheer op het terrein te evalueren, veel te vaag geformuleerd, en zijn er in talrijke landen waar PEFC operationeel is, geen duidelijke minimumcriteria voor het bosbeheer. Met andere woorden: in sommige landen zal dit label betekenen dat het inderdaad een duurzaam beheerd bos is, maar datzelfde label wordt ook in andere landen gebruikt waar de betekenis ervan volledig uitgehold is. FSC daarentegen is een internationaal erkend systeem en betekent overal hetzelfde.

Terug.

Papierproductie.