Home > E-zines > beleidsb@BBeL > Archief > 09-04-2009 - Boerenbond, BBL en Natuurpunt: 'Neen tegen Seine-Schelde-West'
09-04-2009 - Boerenbond, BBL en Natuurpunt: 'Neen tegen Seine-Schelde-West'
Voorop
- Boerenbond, Natuurpunt en Bond Beter Leefmilieu zeggen neen tegen Seine-Schelde-West
- Lood in de lucht: VMM tast in het duister
Actueel
- Invulling rioleringsbeleid grote uitdaging voor volgende Vlaamse regering
- Klimaatonderhandelingen in Bonn: leiderschap begint op 40
- Bijmengplicht biobrandstoffen: regering kiest voor gemakkelijksheidoplossing
- Huishoudelijke apparatuur krijgt nieuwe energielabels
- IEW lanceert petitie tegen elektrosmog
~ Voorop ~
Het project Seine-Schelde-West zal de huidige waterproblemen vergroten, zeker wanneer de klimaatverandering in rekening wordt gebracht. Bovendien is de economische noodzaak van het project hoogst twijfelachtig en zijn de kosten ervan zwaar onderschat. Ten slotte heeft het een grote impact op de natuur en landbouw in de regio rond het Schipdonkkanaal.
Reden genoeg voor Boerenbond, Natuurpunt en Bond Beter Leefmilieu om een gezamenlijk standpunt in te nemen over het dossier. De boodschap van de organisaties is niet mis te verstaan: “De Vlaamse regering moet dit project afblazen nu het nog kan”. In plaats van te investeren in de enorme infrastructuurwerken voor Seine-Schelde-West, moet de overheid werk maken van een toekomstgericht waterbeheer voor het Scheldebekken.
Voor de ontsluiting van Zeebrugge moeten naast de voorziene weginfrastructuur, de estuaire vaart en het spoor uitgebouwd worden. Daar bestaat wel maatschappelijke eensgezindheid over, stellen de organisaties.
Grond / Ruimte
De uitvoering van Seine-Schelde-West neemt onredelijk veel open ruimte en beschikbare gronden in beslag. Er is de rechtstreekse inpalming van grond door de verbreding van het Schipdonkkanaal en het graven van het verbindingskanaal tussen het Schipdonkkanaal en het Boudewijnkanaal. Maar ook onrechtstreeks slorpt het project veel ruimte op. Er moeten bruggen worden verbouwd en heel wat grachten worden verbreed om de verzilting tegen te gaan. Daarnaast moet er grond worden aangesneden om verloren natuurgebieden te compenseren. Tot slot zou ook de opslag van grondoverschotten veel ruimte in beslag nemen. Het is nu reeds duidelijk dat de uiteindelijk een veelvoud aan landbouwgrond door het project zal verloren gaan dan de 70 ha die nu voor de verbreding in de plan-Mer zijn vermeld
Waterproblemen van de toekomst
De uitvoering van het project zou ook zorgen voor de degradatie van landbouw- en natuurgronden rond het kanaal. Dat zou het gevolg zijn van het zout water in het kanaal. Om dat probleem te voorkomen, is voorzien om grote hoeveelheden water naar het verbreed kanaal af te leiden. Dat water is er niet– ’s zomers zijn er nu al watertekorten rond Gent. In de toekomst zullen die tijdelijke watertekorten steeds meer opduiken, als gevolg van de opwarming van de aarde.
Het beschikbare zoet water is nodig om te voorzien in de verschillende functies van het bestaande netwerk (bvb natuurfunctie van de Zeeschelde, landbouwfunctie van kanaal Gent-Oostende, scheepvaartfunctie van het kanaal Gent-Terneuzen). Het is ook van strategisch belang voor de toekomstige watervoorziening van de hele kustregio.
Seine-Schelde-West uitvoeren, zou een strategische blunder zijn in het integraal waterbeleid: het project verergert de bestaande problemen van watertekort en verzilting en negeert de waternoden en evoluties in de toekomst.
~ Voorop ~
Twee weken terug kon u in de pers lezen dat uit onderzoek van het Steunpunt Milieu en Gezondheid blijkt dat loodvervuiling bijzonder negatieve impact heeft op de ontwikkeling van kinderen. Nieuw was dat die negaiteiev impact ook optreedt onder de grens die door de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) tot nu toe als ‘veilig’ werd beschouwd.
Maar waar komt dat lood in het milieu vandaan? Volgens MIRA-T geraakt lood vooral in ons milieu door emissies in de lucht. 86 % daarvan is afkomstig van de industrie. Een databank houdt de emissies van de industrie bij en voedt het EPER systeem. Maar wie denkt eenvoudig aan de juiste informatie te raken, komt bedrogen uit. Al is het duidelijk dat één bron centraal staat. Arcelor Mittal staat in voor driekwart van de looduitstoot.
Het rapporteringssysteem kent ernstige tekortkomingen. Zelfs een eerste snelle blik leert dat er gegevens ontbreken of opvallend afwijken. De betrokken bedrijven “zijn daarop aangeschreven” en we worden verzocht “de ingesloten data (2006 – 2007) nog als voorlopig te beschouwen”, horen we bij de administratie. Allemaal goed en wel, maar er zelfs data van 2004, ondertussen vijf jaar oud én gerapporteerd aan Europa in het kader van EPER, blijken niet te kloppen. Een smet op het blazoen van de VMM.
Ondanks alle tekortkomeingen bij de registratie, kunnen we toch stellen dat Arcelor Mittal de belangrijkste bron van lood is in Vlaanderen. Meer dan 75% van degerapporteerde emissies, komen van het staalbedrijf. Umicore Hoboken is de tweede grote vervuiler (8 – 14%).
Volledigheidshalve moet daaraan worden toegevoegd dat deze bedrijven door de jaren heen al inspanningen gedaan hebben die zich ook vertalen in resultaten. Zo daalde bvb de concentratie aan lood in het bloed van kleuters en scholieren in Hoboken aanzienlijk, tot onder de (tot voor bovenstaand onderzoek veilig geachte drempel) van 10 µg/l.
Merkwaardig genoeg is de link tussen emissies (bronnen) en wat er lokaal in de lucht zweeft (blootstelling) niet altijd direct duidelijk. Zo wordt er in de Gentse kanaalzone (waar Arcelor Mittal gevestigd is) opvallend genoeg geen verhoogde loodconcentratie gemeten, maar wel in Hoboken en Beerse (waar het bedrijf Campine een bron is van lood).
Het is dus aangewezen dat de overheid het probleem ernstig neemt. Registratie, studie van de relatie tussen bron en blootstelling en nieuwe maatregelen om de uitstoot omlaag te krijgen, moeten dringend worden aangepakt.
~ Actueel ~
Elk jaar komt de rioleringssector, gegroepeerd in Valrio, bijeen om een stand van zaken te maken van het rioleringsbeleid. Ook BBL neemt steevast aan die dag deel: zonder rioleringsbeleid geen (kans op) proper water. Maar het nieuws was niet opbeurend.
Op de jaarlijkse VLARIO- dag bleek dat de Vlaamse overheid stilaan alle controle aan het verliezen is over het rioleringsbeleid. Waar een duidelijk kader ontbreekt, neemt de sector stilaan zelf de touwtjes in handen. Zelfs een duidelijke voorzet van Vlario, die zelf een voorstel van stedenbouwkundige verordening ontwikkelde, en daarbij de steun kreeg van het Vlaams parlement, blijft in de schuif van minister Van Mechelen liggen. De keuring op de rioolaansluiting – essentieel voor een goede controle – is ook al door de sector zelf uitgewerkt. Verschillende intercommunales en gemeenten zijn volop bezig met ze zelf te operationaliseren omdat er geen engagement is van het gewest om dat te doen. De zoneringsplannen zijn dan wel afgerond geraakt, maar zelfs het kader van de uitvoeringsplannen is nog niet rond.
Het rioleringsbeleid wordt een stevige klus voor de volgende Vlaamse regering. Want hoewel deze Vlaamse regering heel wat financiële middelen heeft vrijgemaakt voor de afvalwaterzuivering, heeft ze het beleidskader, dat nodig is om die middelen ook efficiënt aan te wenden, verwaarloosd. De gemiddelde doorlooptijd van gesubsidieerde gemeentelijke projecten is opgelopen tot meer dan zes jaar. De voorziene budgetten worden maar deels uitgegeven. Een en ander heeft te maken met complexe administratieve regelingen, veel betrokken partners en een gebrekkige planning bij sommige gemeenten..
Ook inzake de financiering werden onder Van mechelen geen lijnen uitgezet. Op de Vlario-dag bleek dat de aanwezige politici weinig antwoord hadden op de vraag hoe een sluitende financiering er moet uitzien. Een verdere verhoging van de subsidies vanuit Vlaanderen ligt niet voor de hand, zeker niet nu blijkt dat die subsidies erg lang in de procedures blijven hangen. Niemand sloot een verhoging van de bijdragen via de waterfactuur echt uit, al was er in deze pre-electorale periode ook weinig enthousiasme voor. Enkel Bart Martens (sp.a) bleek een hemelwatertaks expliciet genegen, op voorwaarde dat die vermijdbaar zou zijn én als de opbrengst naar ‘afkoppeling’ zou gaan. Wordt vervolgd na 7 juni.
~ Actueel ~
Op woensdag 8 april sluiten in Bonn de lidstaten van de Verenigde Naties een nieuwe onderhandelingsronde over de klimaatcrisis af. Na de grote conferentie in Poznan, moest deze tussentijdse vergadering vooruitgang opleveren over de doelstellingen en financiering van het klimaatakkoord dat in 2013 het Kyotoprotocol moet opvolgen. De toon van de verklaringen, en de sfeer in de wandelgangen in Bonn was veel positiever dan in Poznan. Veel concrete resultaten vallen – andermaal – jammer genoeg niet te rapen. Niet dat het onduidelijk is welke vorm die concrete resultaten zouden moeten zijn. In Bonn tekenden 430 milieu- en ontwikkelingsorganisaties de krijtlijnen van de inspanningen van ontwikkelde en ontwikkelingslanden. Hun boodschap: de uitstoot van de industrielanden moet zakken met 40% tegen 2020.
~ Actueel ~
De federale ministerraad zal producenten van benzine en diesel verplichten om, vanaf 1 juli, 4% biobrandstof te mengen. De Belgische biobrandstofproducenten, vrezen failliet te gaan omdat ze in België hun biodiesel of ethanol niet verkocht krijgen. BBL begrijpt dat de Belgische overheid zoekt naar mogelijkheden om de noodlijdende bedrijven te steunen, maar vindt de bijmengverplichting geen goede oplossing. Vooreerst zijn er op vandaag geen garanties voor de duurzame productie van biobrandstoffen. Bovendien is biomassa een waardevolle grondstof, die beter wordt ingezet in meer hoogwaardige toepassingen. Opstoken als transportbrandstof is daarbij de slechtst denkbare optie. De regering zou veel beter opleggen dat de producten van de Belgische producenten moeten gaan naar materiaalproductie, of de gecombineerde opwekking van elektriciteit en warmte.
~ Actueel ~
Het energielabel op huishoudelijke apparatuur zal veranderen. Het label, dat met een letter van A tot G aangeeft of je al dan niet een zuinig toestel voor je hebt, is welbekend. Recent onderzoek toonde aan dat consumenten dit label duidelijk vinden en dit het liefst willen behouden. Helaas, Europa heeft er anders over beslist. Weliswaar na vele voorstellen en uitvoerige discussies. Grootste probleem met de huidige energielabels is, dat voor heel wat apparatuur, de lagere energieklassen intussen al lang niet meer verkocht worden. Een toestel met een gewoon A-label garandeert al lang niet meer dat het om één van de efficiëntste toestellen gaat.
Om toch nog onderscheid te kunnen maken, kwamen vervolgens labels met A+ of A++ op de markt. Een maatregel drong zich op. Meest logisch daarbij was geweest om de verschillende energieklassen te herdefiniëren, zodat het minst efficiënte toestel opnieuw een G-label zou krijgen. Zwaar lobbywerk van de sector heeft dit vanzelfsprekende voorstel in de kiem gesmoord. En bijgevolg krijgen straks de minst efficiënte toestellen een… A-label.
Afhankelijk van de productgroep , krijgt het efficiëntste product een label A -20% of A -40%, enz… Als consument weet je daardoor wel hoeveel beter het product scoort ten opzichte van een product met A-label. Maar het zal wel wat opzoekingwerk vergen om te weten hoeveel efficiënter het kan. Voor de ene productgroep zal A -40% de beste score zijn, voor de andere A -60%. Het systeem zal dus minder efficiënt zijn, dan had gekund. En daar is de producentenlobby de eerste verantwoordelijke voor.
De maatregel werd eind maart goedgekeurd door de Europese Commissie, in overleg met experten uit de verschillende Lidstaten. De ministerraad en het Europese Parlement hebben nog drie maand om te reageren vooraleer hij officieel in het Europese Staatsblad zal worden gepubliceerd.
|
~ Actueel ~
Inter-Environnement Wallonie, de Waalse zusterorganisatie van Bond Beter Leefmilieu, lanceert een petitie om de normen voor elektromagnetische straling aan te scherpen. Er is nog heel wat wetenschappelijke discussie over de juiste impact van elektromagnetische golven op de gezondheid. Diverse onderzoeken getuigen echter van mogelijke gevaren voor de volksgezondheid. Deze aanwijzingen moeten ons tot de grootste voorzichtigheid aanzetten. De petitie vraagt daarom dat het voorzorgsbeginsel wordt toegepast.
Sinds 15 januari is de bevoegdheid om normen voor straling van GSM-zendmasten vast te leggen, geregionaliseerd. De Brusselse norm van 3 volt/meter is op dit moment de strengste. Het Vlaams parlement vroeg in een recente resolutie om ook de norm voor Vlaanderen aan te scherpen tot 3 volt per meter. Vandaag geldt in Vlaanderen, net als in Wallonië, een norm van 20 volt/meter.
Met de petitie wordt opgeroepen om in de drie regio's eenzelfde norm vast te stellen, gebaseerd op de Brusselse norm. Deze norm moet in de toekomst verder aangescherpt worden tot 0.6V/m, zodat alle risico’s voor de gezondheid worden uitgeschakeld.
Petitie: http://www.iewonline.be/spip.php?article2973
Resolutie Vlaams parlement: http://jsp.vlaamsparlement.be/docs/stukken/2008-2009/g1996-3.pdf