Home > E-zines > beleidsb@BBeL > Archief > 09-06-2010 - Verkiezingsspecial: analyse partijprogramma's
09-06-2010 - Verkiezingsspecial: analyse partijprogramma's
Beste lezer,
Wij hebben voor u de programma’s van alle democratische politieke partijen doorgenomen. Daar zijn we op zoek gegaan naar de voorstellen en ideeën die deze partijen hebben geformuleerd inzake klimaat, energie, vergroening van economie en fiscaliteit, mobiliteit, productbeleid, landbouw en voeding, biodiversiteit en Noordzee. Uiteindelijk hebben we beslist om het programma van LDD te laten voor wat het was. Dat hebben we u dus alvast bespaard.
Wij geven u geen stemadvies. We gaan er immers vanuit dat u uit de geboden informatie zelf kunt leren welke partijen bij uw voorkeur aanleunen.
Nog één opmerking: wij hebben ons beperkt tot wat in de programma’s staat. Ons oordeel gaat dus enkel over het programma, niet over de partijen an sich en hoe zij zich in praktijk opstellen. En sommige partijen hebben duidelijk meer aandacht aan hun programma besteed dan anderen. Maar dat was hun keuze.
Wij hopen dat u er iets aan hebt. Ook al zal het niet altijd opbeurende lectuur zijn.
Jan Turf
Namens heel de beleidsploeg van Bond Beter Leefmilieu
~ ~
Een centrale vraag inzake energiebeleid is natuurlijk of de komende regering de levensduur van de kerncentrales zal verlengen. De vraag naar het energiesysteem van de toekomst ligt aan de basis van die keuze. Gaan we voluit voor energie-onafhankelijkheid en hernieuwbare energie (met als doelstelling 100 procent hernieuwbare energie tegen ongeveer 2050) of kiezen we voor een systeem van in hoofdzaak nucleaire stroom? Voor alle duidelijkheid: grootschalige groene stroom en grootschalige nucleaire energie zijn technisch incompatibel. Dus zal er moeten gekozen worden.
Groen! en sp.a zijn daarbij duidelijk. Kernenergie is voor hen een eindigend verhaal, al durft de sp.a zich niet voluit op de datum van 2015 inschrijven voor de sluiting van de eerste kerncentrales. Aan het andere uiteinde van het spectrum bevindt zich CD&V. Die partij gaat voluit voor kernenergie. Ze wil niet alleen de bestaande centrales langer open houden, maar wil ook nieuwe kerncentrales mogelijk maken.
De keuze van CD&V is duidelijk en N-VA volgt op enige afstand. Meer aarzelend is Open VLD. De partij maakt niet duidelijk of ze de wet op de kernuitstap wil behouden of schrappen, maar geeft wel aan dat kernenergie deel moet blijven uitmaken van een toekomstige energiemix. Ze koppelt het behoud van kernenergie evenwel aan een oplossing voor het kernafval en aan het welslagen van de ontwikkeling van kerncentrales van de 4e generatie. Vermits aan beide voorwaarden de komende decennia niet kan voldaan worden, is het de vraag wat Open VLD dan wel wil. In afwachting pleit Open VLD wel uitdrukkelijk voor investeren van overheidsgeld in die ‘kerncentrales van de vierde generatie’. Ook CD&V en N-VA zijn overigens bereid overheidsgeld in die nucleaire fata morgana te dumpen.
Tegenover het nucleaire enthousiasme van vooral CD&V en in mindere mate N-VA en Open VLD staat (en toeval zal dat niet zijn) terughoudendheid inzake hernieuwbare energie. Open VLD wil nog gaan voor 13 procent hernieuwbaar tegen 2020 (Europese verplichting), maar pleit samen met N-VA en CD&V voor het herbekijken van de subsidies aan hernieuwbare energie. Er is niets mis met het verbeteren van de subsidiesystemen, maar de vraag is of dat bij elk van deze partijen de bedoeling is, dan wel of sommigen de groei van hernieuwbare energie bewust willen remmen. Dat laatste lijkt het geval bij de CD&V, die voorstelt om de ruimte voor offshore windenergie in Belgische wateren te verminderen! Gek genoeg bevat haar programma wel een pleidooi voor een grootschalig Europees net van aan elkaar geschakelde windmolenparken op de Noordzee. Maar dat is dan weer niet compatibel met het openhouden van kerncentrales, dat de kern van het CD&V-programma uitmaakt.
Groen! en sp.a kiezen wel voluit voor hernieuwbaar. Met veel nadruk op de energiebron van de toekomst, de offshore windenergie. Groen! heeft een goede totaalvisie voor offshore ontwikkeling, met onder meer de afbakening van een tweede zone in de Noordzee voor offshore windmolenparken met een engagement van 2800 megawatt energieopwekking tegen 2020, tot 3800 megawatt opwekking in 2030. Ook sp.a wil een tweede zone voor offshore windenergie afbakenen, zorgen voor een “stopcontact op zee” en doorgedreven werk maken van de Noordzeering.
Voor wat de investeringen in hernieuwbare energie betreft, gaan zowel sp.a als Groen! resoluut voor het investeren van de afgeroomde nucleaire rente in hernieuwbare energie. N-VA lijkt diezelfde weg op te willen gaan, maar is in haar programma ter zake onduidelijk. Noch CD&V, noch Open VLD leggen de link.
Naast de keuze voor het toekomstig energiesysteem, is ook de vraag naar energie-efficiëntie en energiebesparing cruciaal. In vergelijking met de ons omringende landen is onze energie-efficiëntie de voorbije 20 jaar nauwelijks op vooruitgegaan. Sinds 1990 nam onze energie-efficiëntie toe met 57 %, in Nederland was dat 85 %, In Groot-Brittannië 97 % en in Duitsland zelfs 108 %! Het betekent dat wij bij een economische groei van 100 %, 43 % meer energie gebruiken, terwijl Duitsland bij 100 % groei 8 % minder energie verbruikt! Toeval? Neen. Onder de vorige legislatuur werd een plan energie-efficiënte aangekondigd. Er is nooit meer iets van gehoord. Dus: hoog tijd om er wat aan te doen. Dat bewustzijn lijkt ook bij de politieke partijen te zijn doorgedrongen. Voor N-VA is energie-efficëntie een “absolute prioriteit”, maar concrete voorstellen ontbreken. Slechts twee partijen durven een cijfer naar voren schuiven. Open VLD mikt op 20 % efficiëntiewinst tegen 2020. Dat komt overeen met de Europese doelstelling, maar op Europees niveau woedt nog volop de discussie over hoe de efficiëntieverbetering moet gerealiseerd en gemeten worden. Groen! gaat resoluut voor 20% energiebesparing (dus: reële daling van het verbruik) tegen 2020.
|
~ ~
Als we vandaag geen ernstig klimaatbeleid voeren, dan zullen we daar in de toekomst zeer zwaar voor betalen. Dat is zowat de centrale boodschap van het Stern-rapport dat in 2006 de economische kost van de klimaatverandering becijferde. De boodschap lijkt bij de meeste politieke partijen te zijn doorgedrongen. Van Open VLD over Groen! en sp.a tot PVDA+ stellen de partijprogramma’s dat er nood is aan gevoelige reductie van de CO2-uitstoot. Voor de sp.a en Groen! is dat ‘minstens 30%’, voor Open VLD 30% en voor PvdA+ 40% tegen 2020. Dit is ook de doelstelling die de milieubeweging naar voor schuift op basis van de meest recente wetenschappelijke inzichten. Ook NV-A pleit nog voor ‘ambitieuze doelstellingen’, maar plakt er geen cijfer op.
Tegenover die ruime eensgezindheid staat CD&V, die zich uitdrukkelijk kant tegen de verhoging van de Europese reductiedoelstelling van 20 naar 30% en daarmee aangeeft dat ons land als toekomstige Europese voorzitter moet ingaan tegen de stelling van de Europees commissaris Hedegaard, die communiceerde dat een verhoging naar 30% haalbaar en betaalbaar is.
Groen! en sp.a pleiten als enigen voor een klimaatwet met een lange termijnstrategie.
|
~ ~
In tijden van crisis gaat veel aandacht naar economie en financiën. De vraag was dan ook: welke partijen beseffen dat de vergroening van de economie zowel een dringende noodzaak als een grote opportuniteit biedt. Afgaande op de programma’s maken slechts twee partijen hier een duidelijke keuze: Groen! en Open VLD. Groen! heeft een onderdeel “groene economie” in haar programma opgenomen dat goed onderbouwd is en uitgewerkt met concrete voorstellen. Bij Open VLD blijft het vooral bij algemene principes, maar het is bemoedigend om te lezen dat de liberalen uitdrukkelijk kiezen voor het samengaan van milieu en economie, in plaats van ze tegenover elkaar te stellen. Bij CD&V vinden we wel een aanzet naar groene fiscaliteit en economie, maar het blijft vaag. Bij N-VA verwijst enkel naar vergroening van de fiscaliteit. Bij de sp.a heerst er dan weer volledige radiostilte.
~ ~
Twee partijen hebben zich de moeite getroost om duurzame mobiliteit onder de loep te nemen: CD&V en Groen! Groen! gaat uit van een consistente visie op duurzame mobiliteit, en linkt die aan de vergroening van de fiscaliteit. Ook CD&V ziet in de fiscaliteit een instrument om onze mobiliteit te vergroenen. Het sluitstuk van een milieuvriendelijke auto-mobiliteit, de slimme kilometerheffing komt in beide programma’s aan bod. Beide partijen wensen ook een einde te maken aan de fiscale voorkeursbehandeling van diesel.
Die elementen ontbreken jammer genoeg in alle andere programma’s. Net als de luchtvaartproblematiek, die enkel bij Groen! aan bod komt. Waar sp.a en N-VA toch een aantal ideeën – onder meer inzake spoorvervoer – naar voren schuiven, is het deze keer Open VLD die verstek laat gaan.
|
~ ~
Dat er een federale bevoegdheid bestaat die productbeleid heet, lijkt een aantal partijen te zijn ontgaan. N-VA kiest voor de korte pijn: overhevelen naar de gewesten, die bevoegdheid. CD&V wil dan weer ‘afstemmen met de gewesten’, maar van geen van beide partijen hoor je een inhoudelijk voorstel. Er bestaat nochtans een plan ‘Duurzaam Productbeleid’ dat de moeite waard is, maar nu al enkele jaren in de lades van de federale administratie ligt te wachten op de politieke wil om er iets mee aan te vangen. Eigenlijk heeft enkel Groen! de moeite genomen om haar visie en voorstellen uit te schrijven. Sp.a en PVDA+ doen nog een schuchtere poging, maar Open VLD hoort het in Keulen donderen.
|
~ ~
Twee partijen, sp.a en Groen! hebben aandacht voor biodiversiteit en de Noordzee. Beide partijen formuleren concrete voorstellen. Wat landbouw betreft, haakt sp.a af, en staat Groen! tegenover CD&V, die hier enkel pleit voor meer – ook niet-toegelaten ggo’s. N-VA en Open VLD geven niet thuis.
|