Milieublog

Home > Milieublog > oktober 2007

Milieublog archief: oktober 2007

Share

E313: debat verschuift naar Antwerpse ring

thema’sVerkeer

30/10
2007

Sinds er op korte termijn verschillende dodelijke ongelukken gebeurden op de E313, woedt het debat over de mogelijke ‘oplossingen’ volop. Daarbij gaat steeds minder aandacht naar de verkeersveiligheid, steeds meer naar de roep om extra rijstroken. Dit laatste komt vooral uit de economische hoek, die de (overigens terechte) vaststelling maakt dat het verkeer op de E313 ook zonder ongevallen niet vlot.

De Vlaamse Automobilistenbond VAB-VTB heeft nu grondig onderzocht waar de knelpunten (inzake doorstroming dus) zitten en is tot de vaststelling gekomen dat verbreding van de E313 geen zin heeft. Het verkeer wordt gestremd door de Antwerpse ring, die verzadigd is. Maar ook de VAB-VTB wentelt zich in de illusie dat extra rijstroken (zij het dan op de Antwerpse ring) een oplossing kunnen bieden. De geschiedenis leert echter dat extra rijstroken extra verkeer zullen aantrekken.

Is er dan geen oplossing voor het fileleed? Toch wel. De beslissing van de Vlaamse regering om een slimme kilometerheffing in te voeren voor vrachtwagens zal in eerste instantie een daling van het vrachtvervoer op onze wegen met zich meebrengen. Maar Leuvens vervoerseconoom professor Proost wees er deze week nog op dat ook daar de vrijgekomen ruimte dreigt te worden ingenomen door extra autoverkeer. Op termijn is het invoeren van slim rekeningrijden ook voor personenwagens dus het beste antwoord op het mobiliteitsinfarct.

Daarnaast is het belangrijk om het gedwongen gebruik van de auto voor woon-werkverplaatsing aan banden te leggen. Bedrijfswagens vormen het grootste probleem in de spits, maar worden nog steeds bevoordeeld door de (federale) fiscus. Bovendien verlangen werkgvers dat de bedrijfswagens ook effectief gebruikt worden voor het woon-werkverkeer. Willen we een betere doorstroming in de spits, dan zullen we ook hieraan iets moeten doen.

En de verkeersveiligheid bij dit alles? Naast het verbeteren van de op- en afritten op de E313, waar na minister Crevits ook de VAB-VTB voor pleit, is er natuurlijk het cruciale aspect van de (te) hoge snelheid op onze wegen. Hierover ondervraagd stelt VAB-VTB dat de automobilisten een snelheidsbeperking niet aanvaarden. Wij pleiten in elk geval voor een ernstiger debat terzake.

Dossier E313 VAB-VTB

 

reactiesreageer

aanpasdatum30 oktober 2007 | Jan Turf


Inbreiden of uitbreiden? That's the question

thema’sRuimte en natuur

16/10
2007

Volgens satellietbeelden van het Europees Milieu Agentschap is Vlaanderen de meest versnipperde en verkavelde regio van Europa. Verkavelingen liggen als confetti verspreid in landbouwgebieden, verbonden door kilometers lange lintbebouwing. De vorige twee decennia werden elk jaar meer dan 4000 voetbalvelden aan open ruimte ingenomen door nieuwe bebouwing. Dat is 5 ha per dag, of  een halve m² per seconde…

De Vlaamse ruimtelijke wanorde zorgt er niet alleen voor dat open ruimte wordt versnipperd, maar ligt ook aan de basis van minder voor de hand liggende problemen. Denk in de eerste plaats maar aan de kosten voor allerlei nutsvoorzieningen, zoals waterzuivering, afvalophaling, postbedeling, gas- en elektriciteitsdistributie,… . Bij een meer aaneengesloten bebouwing kunnen dergelijke nutsvoorzieningen veel efficiënter en goedkoper worden georganiseerd.

Ter illustratie: de kostprijs voor één meter klassieke riolering bedraagt 1.000 euro. Volgens VMM moet er nog ongeveer 7.000 km gerioleerd worden, wat een totale kostprijs geeft van 7 miljard euro. We betalen ons gebrek aan ruimtelijke ordening dus cash aan rioleringen en andere nutsvoorzieningen. Een ander duidelijk gevolg van ruimtelijke versnippering zijn de toegenomen files. Omdat woon- en werkgebieden te ver van mekaar liggen, neemt het autoverkeer hand over hand toe. En samen met het autoverkeer neemt ook de luchtvervuiling verder toe. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat Vlaanderen één van dé hot spots voor fijn stof is in Europa. 

Het omkeren van de negatieve effecten van het ruimtelijk wanbeleid van de afgelopen decennia, is maar mogelijk als consequent gekozen wordt voor inbreiding en kernversterking. Door voorrang te geven aan het bebouwen van percelen in bestaande woonwijken en in de bebouwde kom, kan de groei van het autoverkeer in de hand gehouden worden, blijven kosten voor nutsvoorzieningen beheersbaar en wordt de laatste open ruimte gespaard. Op papier wordt ook een kernversterkend beleid gevoerd. Het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen – ondertussen al tien jaar van kracht – kiest resoluut voor een ‘open en stedelijk’ Vlaanderen. De praktijk is minder fraai.

Volgens de Vlaamse Regionale Indicatoren (VRIND) en het Milieurapport Vlaanderen gaat de versnippering van Vlaanderen nog steeds door. Nochtans blijkt uit datzelfde VRIND, nu ook bevestigd door de parlementaire vraag van Joke Schauvlieghe, dat er in onze woongebieden nog minstens 40.000 ha aan bouwgronden liggen. Dat overtreft vele malen de behoefte aan nieuwe bouwgrond. Daarbovenop zijn er nog eens 18.000 ha woonuitbreidingsgebieden beschikbaar. Die zijn in principe bedoeld als reservegrond, voor het geval er in de effectieve woonzones geen ruimte meer voorhanden is.

Ondanks het ruime aanbod in woongebieden, heeft Vlaams minister voor ruimtelijke ordening Dirk Van Mechelen er toch voor gekozen om deze reservegronden voor woningbouw sneller en soepeler te laten verkavelen. Omdat die woonuitbreidingsgebieden meestal buiten of aan de rand van steden en dorpskernen liggen, werkt dit beleid de versnippering en verkaveling van Vlaanderen nog verder in de hand.

Een probleem blijft wel dat een groot deel van de bouwgronden in woonzes niet te koop staat, het gaat dan om zgn. ‘slapende’ bouwgronden, of gewoon om speculatie. Dat kan opgevangen worden door met stimuli en heffingen onbebouwde bouwgronden in woonzones te activeren. Een dergelijk actief overheidsingrijpen op de bouwmarkt zou onze versnipperde samenleving heel wat problemen en kosten besparen.     

 

reactiesreageer

aanpasdatum16 oktober 2007 | Erik Grietens


Oranje-blauw geen oor naar Nobelprijswinnaars voor de Vrede

thema’sKlimaat & energie

12/10
2007

Al Gore en het Intergouvernementele Panel voor Klimaatverandering van de Verenigde Naties krijgen de Nobelprijs voor de Vrede. “Een erkenning voor hun werk om klimaat zo hoog op de agenda te krijgen. Het contrast met wat op de oranje-blauwe onderhandelingstafel ligt, is schrijnend”, reageert Bram Claeys van Bond Beter Leefmilieu.

Bram Claeys: “Het is een erkenning voor het verdienstelijke werk van Al Gore om het klimaat zo hoog op de agenda te krijgen. Dat signaal moet nu opgepikt worden door de politici. Als je vandaag ziet wat er in de regeringsonderhandelingen besproken wordt, is dat bijzonder schrijnend.

Is het belangrijk dat Gore de Nobelprijs deelt met het klimaatpanel van de VN (IPCC)?

“Ja, omdat Al Gore zijn film natuurlijk gebaseerd heeft op de wetenschappelijke gegevens van het IPCC. Het is een erkenning voor de wetenschappelijke basis van de strijd tegen de klimaatverandering. Het IPCC ligt voortdurend onder vuur vanuit klimaatsceptische hoek. De Nobelprijs is een antwoord aan die sceptici die denken dat het werk van de IPCC in vraag kan gesteld worden.”

Volgens De Standaard wil de toekomstige oranje-blauwe regering Kyoto-bis versoepelen. De regeringsonderhandelaars zien een vermindering van de uitstoot van broeikasgassen met twintig procent tegen 2020 niet zitten.

“Wij hebben contact gehad met de onderhandelaars en blijkbaar wijkt het akkoord toch af van wat in de kranten werd gelekt. Het stuk over Kyoto-bis zou uit de onderhandelingen gelicht worden om het later verder te bespreken. Maar op zich is het al alarmerend dat dat idee het uitgangspunt is van de onderhandelingen.”

Een inspanning van 6 à 8 procent is voor België al voldoende, zegt CD&V'er Etienne Schoupe.

“Dat is compleet naast de kwestie. CD&V gaat er vanuit dat de Europese doelstelling 20 procent zal zijn. Dat zou betekenen dat er niemand anders buiten Europa mee doet. Wij gaan er vanuit dat er op de klimaatconferentie van de VN begin december in Bali stappen vooruit zullen worden gezet. Bij CD&V leeft er blijkbaar klimaatscepticisme. 'Europa zal het toch allemaal op haar eentje moeten doen', denkt men daar. Vervolgens verkondigen dat België in Europa een kleinere inspanning moet doen, is ook voortvarend. Dat gaat er van uit dat wij hier weinig kunnen doen en dat het allemaal te veel geld kost. Vorige week is er een nieuw rapport verschenen van het Milieu- en natuurplanningsbureau van Nederland en die hebben verschillende verdeelsleutels onderzocht. België komt er altijd uit als één van de landen die minstens een gemiddelde en misschien zelfs een hogere doelstelling kan hebben. Het standpunt van Etienne Schouppe van CD&V is dus eerder een bewijs van het gebrek aan ambitie dan van kennis van zaken.”

Een vermindering met 6 à 8 procent tegen 2020. Is dat een ernstig standpunt?

“Het is een standpunt dat niet gebaseerd is op kennis van zaken. Maar ik denk wel dat hij het meent en in die zin is dat zeer ernstig. Dit is blijkbaar het standpunt van CD&V dat later ook het standpunt moet zijn van België in de Europese onderhandelingen. Ik vind dat bijzonder zorgwekkend.”

Oranje-blauw wil ook de kernuitstap herzien.

“Dat is geen nieuw standpunt. Dat was deze zomer één van de eerste dingen waar ze het over eens raakten. Toen al hebben we gereageerd dat de uitzonderingsclausule in de wet op de kernuitstap niet kan gebruikt worden om enkele kerncentrales open te houden. Dat is niet wettelijk. Die uitzonderingsclausule kan enkel gebruikt worden als er een probleem van energievoorziening is. De kerncentrales langer openhouden betekent de facto het opblazen van de wet op de kernuitstap. Dat zien wij absoluut niet zitten. Het betekent sowieso een enorm cadeau voor de uitbater van die kerncentrales Electrabel. De heffingen op die afgeschreven kerncentrales romen maar een stukje van de winsten af. De beste manier om het monopolie te breken, is het sluiten van de kerncentrales. Daardoor komt er plaats vrij op de markt voor concurrenten.”

Schouppe zegt in De Standaard dat steenkool en kernenergie de goedkoopste en geostrategisch meest zekere brandstofbronnen zijn.

“Dat is bijzonder erg. Ik zit nu op een vergadering met onze Europese collega's waar we discussiëren over langetermijndoelstellingen, over de kansen van hernieuwbare energie en over het potentieel van energie-efficiëntie. Het contrast met de oranje-blauwe onderhandelaars en vooral CD&V is bijzonder groot. We staan aan de vooravond van heel belangrijke beslissingen over de toekomst van ons energiebeleid en het vervolg van de Kyoto-doelstellingen. Met wat nu beslist wordt, moeten we het de komende tien jaar doen. Het zou een beetje jammer zijn als België een soort Polen aan de Noordzee wordt dat enkel denkt aan het eigen belang en voluit mikt op de laagste gemene deler.”

Bron: Indymedia

   

reactiesreageer

aanpasdatum12 oktober 2007 | Bram Claeys


Nu ook statistisch bewezen: De waterkwaliteit in Vlaanderen verbetert niet meer

thema’sWater

11/10
2007

Het is een traditie: elk jaar brengt de Vlaamse Milieu Maatschappij (VMM) een verslag uit over de waterkwaliteit van het afgelopen jaar. Daarin geeft VMM aan hoe het met ons water gesteld is. Afhankelijk van het weer van het voorbije jaar leidt dat tot voorzichtig-positieve of genuanceerd-negatieve duiding vanuit VMM zelf. Dit jaar laat het rapport wel erg lang op zich wachten.

Voor de aandachtige lezer van de rapporten (en bijhorende persberichten) is echter al langer duidelijk dat er sinds 2000 geen enkele structurele verbetering van de waterkwaliteit meer te bespeuren valt. In persberichten uit 2004 en 2005 stelde BBL dat ook met zoveel woorden: de waterkwaliteit ‘kwakkelt’ al enkele jaren (afhankelijk van het weer), maar de noodzakelijke verbetering komt er maar niet. Maar nu is het VMM zelf die klaarheid brengt...

Het moet gezegd worden dat we ons met die opmerking niet bijzonder populair maakten bij beleidsmakers, die liever positieve verhalen horen. Vooral omdat er sinds 2000 honderden miljoenen overheidsgeld in waterzuivering werden geïnvesteerd, waarvan de opbrengst vooralsnog niet zichtbaar is. Maar de waarheid heeft haar rechten, en zo ook haar eigen wegen. Het is VMM zelf die nu klaarheid brengt, in de vorm van een nieuw rapport getiteld: “Statistische analyse van de meetresultaten van het fysisch-chemisch waterkwaliteitsmeetnet” opgemaakt in opdracht van en met data van VMM.

Het onderzoek, uitgevoerd door Prof.. Dr.ir Olivier Thas van de Universiteit Gent,  bekijkt de resultaten vanaf 1990 tot 2005 (referentiejaar). Het besluit laat niets aan de verbeelding over:

De gemiddelde concentraties van nitriet, ammonium, BZV, CZV en orthofosfaat daalden in vele meetplaatsen in de jaren 1990, maar vanaf eind jaren 1990 of 2000 werd een stagnatie vastgesteld. Hetzelfde fenomeen, maar iets minder uitgesproken, geldt ook voor zuurstof (maar hier gaat het over een stijging van de gemiddelde concentratie). De gemiddelde nitraatconcentratie vertoont geen duidelijke trend (*).”  

Nu er duidelijkheid is over de situatie, is de tijd gekomen om er iets aan te doen. We hebben hier een mooie set voorstellen liggen. Hallo, Minister Crevits?

 

Download het rapport hier

Lees ons persbericht uit 2005 hier

Als het rapport waterkwaliteit uitkomt, is het veelal hier

 

 

(*) Om verwarring te vermijden: de analyse voor nitraat is uitgevoerd op het fysisch-chemische meetnet van VMM, en niet op het nitraatmeetnet – dat specifiek bedoeld is om de impact van de landbouwsector in beeld te brengen. Daar zijn (nog) geen statistisch gecontroleerde gegevens over bekend gemaakt.

 

reactiesreageer

aanpasdatum11 oktober 2007 | Wim Van Gils


Waarom onze regels niet eenvoudiger worden...

thema’sWetten en regels, Milieu & politiek

9/10
2007

Het hoort tot de permanente klaagzang van de ondernemingen... Het staat als te bestrijden kwaal in ieder regeerakkoord... Er worden reguleringsimpactanalyses aan gewijd … Onze (milieu)wetgeving is te ingewikkeld. Eenvoud is gewenst.   Tenzij … Tenzij het sommigen beter uitkomt. Dan wordt het plots: hoe ingewikkelder, hoe liever.

In 2006 werden nog eenvoudige en uniforme heffingen ingeschreven voor het (mee)verbranden en storten van afvalstoffen. Alles helder en overzichtelijk. Iedereen gelijk voor de wet.  Maar nauwelijks een jaar later sluipen de uitzonderingen langs het achterpoortje terug binnen. De Vlaamse Regering keurde recent in eerste lezing een nieuw ‘programmadecreet’ goed. Het regelt de begeleiding van de begroting 2008 en handelt dus over zeer uiteenlopende materies.

Het loont altijd de moeite deze ‘vuilbakdecreten’ van naderbij te bekijken. Deze keer is het niet anders: verscholen in technische bepalingen wordt links en rechts een ‘uitzondering’ toegestaan op de splinternieuwe regelgeving.  Twee sectoren vallen in de prijzen: de puinbrekers en de cementindustrie.

De puinbrekers zouden hun recyclageresidu (de puinfractie die niet meer gebruikt kan worden voor recyclage in bijvoorbeeld beton) vanaf 2008 kunnen storten tegen een verlaagd tarief van 3 euro per ton i.p.v. 75 euro per ton. Geen klein geschenk dus. Volgens de puinbrekers zou de verlaagde heffing er voor zorgen dat meer bouwafval in zuivere recyclagestromen zou terecht komen. Een uitleg als een ander.

En wat als morgen andere sectoren, zoals de schrootsector, ook om een uitzondering komen bedelen?  Wie zou hen dat dan nog durven weigeren? Dat een lager storttarief  tot meer recyclage zou leiden, is trouwens onzin. Hoe lager het storttarief, hoe interessanter het wordt om te storten en hoe minder recyclage-inspanningen zullen worden geleverd.

En dan de cementindustrie. Bepaalde laagcalorische afvalstromen zouden plots niet meer als ‘afval’ meeverbrand worden, maar worden beschouwd als “vervangingsgrondstof” door meeverbranding. Op deze manier kunnen sommige afvalstromen verbrand worden zonder dat er heffingen betaald moeten worden. Resultaat: bedrijven kunnen in de voorbehandelingsfase hun afvalstromen minder goed ontwateren om zo te voldoen aan de norm om ze als laagcalorische stroom in te zetten als grondstof. Een absurde situatie. Bovendien krijgen de cementovens een voordeel op klassieke verbrandingsovens, die uitgerust zijn met de meest performante technieken voor de zuivering van hun rookgassen.

Tweemaal wordt een achterpoortje geopend, tweemaal een uitzondering toegestaan, en tweemaal wordt een geschenk uitgedeeld, tweemaal wordt de regelgeving complexer, tweemaal dreigt het milieu de dupe te worden.  Het ontwerpdecreet werd voor spoedadvies voorgelegd aan de Minaraad. Bond Beter Leefmilieu pleit er alvast voor het behoud van een eenvoudige en doorzichtige regelgeving.  En nu maar hopen dat ook de ondernemingen het zelf ook opnemen voor eenvoudige en stabiele wetgeving.

reactiesreageer

aanpasdatum9 oktober 2007 | Johan Vanerom