Milieublog

Home > Milieublog > februari 2008

Milieublog archief: februari 2008

Share

14 februari 2008 - De verloren eer van het Instituut voor Biotechnologie

thema’sMilieu & gezondheid

Professor Dirk Inzé, hoofd plantentechnologie van het Vlaams Interuniversitair Instituut voor Biotechnologie (VIB), heeft deze week geweigerd aan een dubbelinterview deel te nemen in het magazine ‘Gevilt’ met Karen Janssens van Greenpeace. Zijn argument: Greenpeace baseert zich niet op wetenschap. Los van het feit dat dit uiteraard onwaar is en dat professor Inzé dat ook wel weet, werpt zijn houding een schaduw over het VIB, dat (zeer veel) overheidsgeld krijgt onder meer om te communiceren over gentechnologie.

 

Het VIB is een eerbiedwaardig instituut. Ik zeg dit zonder zweem van ironie. Het VIB groepeert het kruim van onze biotechnologen. Het heeft de verdienste over de muren van de universiteiten te kijken en kennis en communicatie te groeperen rond een belangrijk onderzoeksdomein dat van onschatbare waarde is voor (onder meer) de medische wetenschap. Het wordt daarin actief gesteund door de Vlaamse overheid. Er zijn niet zoveel technologische polen waarin Vlaanderen een vooraanstaande rol speelt. En biotechnologie is er duidelijk één van.  

Het VIB is er gekomen onder impuls van professor Marc Van Montagu. Hij is – samen met professor Shell - een van de grondleggers van de DNA-recombinant technologie, bij ons beter bekend als genetische manipulatie of genetische wijziging. Van Montagu is niet alleen een van de grondleggers van de biotechnologie. Hij was er ook een van de grote verdedigers van. Zo heb ik hem een tiental jaar geleden leren kennen als een man die met grote overtuiging zijn gelijk verdedigde.  

Zijn overtuiging was dat de technologie waar hij de vader van was, zou bijdragen tot het verbeteren van de wereld. Er zouden gewassen groeien in de woestijn. Er zou een einde komen aan de honger. Van Montagu meende het en meent het nog steeds. Hij zette projecten op op Cuba en stichtte het Instituut Plantenbiotechnologie voor Ontwikkelingslanden (IPBO).   Hij vocht voor zijn zaak. En ik vocht er tegen. Want ik was – en ben – er van overtuigd dat de technologie enorme risico’s inhoudt. Veeleer dan een oplossing te zijn voor de honger, zie ik er een bedreiging in voor de biodiversiteit. En dus ging ik met hem in debat. Niet alleen over de technologie zelf, maar ook over de concrete toepassingen ervan in de praktijk. Want de eerste GGO’s die in Europa werden ingevoerd droegen niet bij tot het bestrijden van de honger, noch tot het heroveren van de woestijn. Ze waren in handen van ondernemingen die zich tot enige doel stelden markten te veroveren. Monsanto en Cargill gingen daarbij niets ontziend te werk.  

In 1996, nog voor er in Europa een begin van regelgeving tot stand was gekomen om GGO’s te controleren op hun impact op mens en milieu, voerden zijn GGO’s in in onze havens. 3 % GGO-soja, gemengd door 97 % traditionele soja. Plots was er geen niet-vermengde soja meer te krijgen. Het was er de bedrijven om te doen het ‘fait accompli’ te vestigen: het in één keer en definitief wegnemen van de keuzevrijheid. Europa zou voortaan – als het aan beide bedrijven lag – voorgoed GGO’s eten. Punt.  

Het was zonder Greenpeace gerekend. De eerste GGO-schepen die Europa aandeden – Antwerpen en Gent hadden de twijfelachtige eer – werden door Greenpeace van de wal gehouden. Fysiek lukte dat maar enkele uren. Ik kan het getuigen, ik was aan boord. Maar de publieke impact was enorm. Plots moest de politiek zich uitspreken over GGO’s. Er kwam een breed maatschappelijk debat. En als gevolg daarvan consistente Europese regels. De consumenten keerden zich massaal tegen GGO-voeding. De distributiesector volgde. GGO’s verdwenen even snel uit de rekken als ze er gekomen waren.  

Tijdens dat brede maatschappelijke debat heb ik enkele malen de (spreekwoordelijke) degens met Marc Van Montagu gekruist. De bewogen wetenschapper tegen de bewogen milieuactivist. Niet één keer insinueerde Van Montagu dat Greenpeace de wetenschap geweld aandeed. Van Montagu argumenteerde inhoudelijk. En die houding was in die jaren ook de houding van het VIB.  

In februari 2001 opende in de Gentse Sint Pietersabdij een groots opgezette tentoonstelling ‘eet es genetisch’, georganiseerd door de VIB. Het was een tentoonstelling om de weldaden van de planten-gentechnologie onder de aandacht te brengen. Maar de tentoonstelling behandelde ook de risico’s voor het milieu. Het was voorzichtige geformuleerd – uiteraard - maar het was correct. De tekst was trouwens met Greenpeace doorgenomen. Meer nog. Op de tentoonstelling kreeg Greenpeace de kans om de eigen visie weer te geven.

Tien jaar later lijkt het obscurantisme het bij de plantentechnologen van het VIB te halen. In tegenstelling tot Van Montagu, kiest Inzé er voor onder te duiken in het eigen grote gelijk. Nu er steeds meer bewijzen opduiken GGO-teelten schade aanrichten en nu er steeds luider getwijfeld wordt aan de bewering dat gentechnologie een belangrijke bijdrage kan leveren in de strijd tegen de honger, kiest Inzé voor het verdacht maken van de tegenstander, eerder dan voor het weerleggen van diens argumenten. Hij discrediteert daarmee het VIB. Foei.  

 
Jan Turf
Beleidscoördinator Bond Beter Leefmilieu

 

 

   

aanpasdatum14 februari 2008 | Jan Turf




Plaats de eerste reactie

Bent u reeds geregistreerd, gelieve dan in te loggen.

Preview van uw reactie



Verplicht in te vullen velden
Voornaam     Naam  
(enkel uw voornaam en gemeente worden getoond)
Postcode     Gemeente  
Organisatie
E-mail adres  (wordt niet getoond)
Anti-spam

Abonnementen
milieub@BBeL
beleidsb@BBeL