U bent hier

Betonstop vraagt meer ambitie van gemeenten

Erik Grietens
Fotografie Verstraeten

De Vlaamse gemeentebesturen zijn slechts bereid om een derde van de woonreservegebieden onbebouwd te laten. Dat kan ambitieuzer. Het is perfect mogelijk om de nood aan bijkomende woningen volledig op te vangen in de stads- en dorpskernen. En heb je zelf een bouwgrond in woonuitbreidingsgebied, geen nood, de regering wil je schade vergoeden.

Terug naar de kern

Dit najaar beslist de Vlaamse regering over het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen. Een van de cruciale vragen is hoeveel reservezones voor woningbouw (de zogenaamde woonuitbreidingsgebieden) nog verkaveld kunnen worden. Uit een bevraging blijkt dat gemeentebesturen slechts bereid zijn om een derde van de 13.000ha woonuitbreidingsgebieden te schrappen en die dus niet te bebouwen. 37% van de woonreserve willen gemeentebesturen wel nog ontwikkelen en van 32% weten ze het nog niet. 

Om tot een duurzame ruimtelijke ordening te komen, moet die ambitie hoger. Het is perfect mogelijk om de nood aan bijkomende woningen op te vangen in de stads- en dorpskernen, door leegstaande gebouwen te recycleren, goed gelegen bouwgronden in de bebouwde kom te gebruiken, onderbenutte woningen op te delen of appartementen te bouwen bovenop supermarkten. In dat geval hoeft geen open ruimte meer verkaveld te worden. 

Positieve en negatieve lijst

Minister Schauvliege wil binnenkort met een positieve en een negatieve lijst van woonuitbreidingsgebieden naar buiten komen: open ruimte die wel of niet verkaveld mag worden. De vraag blijft of de minister de gemeentebesturen gewoon zal volgen, dan wel of ze nog bijkomende gronden op de negatieve lijst zal zetten. Wij vragen de minister om het laatste te doen. Vlaanderen nog meer volbouwen heeft namelijk een grote maatschappelijke kost: huizen die regelmatig onder water lopen, opstapelende filerecords en een miljardenrekening voor riolering.

100% planschade

Om het schrappen van afgelegen bouwgronden maatschappelijk aanvaardbaar te maken, onderhandelt de regering over een aanpassing van de planschade. Dat is de schadevergoeding die de overheid betaalt als een bouwgrond wordt omgezet naar natuur, bos of landbouwzone. Die vergoeding bedraagt nu 80% van de aankoopprijs, maar de regering wil ze optrekken naar de volle 100%. Voor Bond Beter Leefmilieu is dat op zich een goed voorstel. Belangrijk is dan wel dat het om 100% van de aankoopsom gaat en niet om 100% van de huidige geschatte waarde, zoals sommigen in de regering voorstellen. Zo’n systeem zou namelijk speculatie belonen en een betere ruimtelijke ordening onbetaalbaar maken. 

 

Dit artikel draagt bij aan volgende duurzame ontwikkelingsdoelen:

Erik Grietens

Beleidsmedewerker ruimte

Erik Grietens werkt al meer dan 20 jaar voor Bond Beter Leefmilieu en bouwde in die tijd een ruime expertise op over ruimtelijke ordening. Hij is ook auteur van het boek Vlaanderen in de knoop dat een uitweg beschrijft uit de ruimtelijke wanorde.


Om te reageren op artikels dien je eerst te registreren of in te loggen.