Boom uitgevers Amsterdam (2019)

De geschiedenis van de wereld in zeven goedkope zaken - Raj Patel en Jason W. Moore

Boom uitgevers Amsterdam (2019)

Johan Van den Broek verliest zich graag in boeken, en stapelt die liefst zo hoog mogelijk. Hij houdt van de natuur en is, zoals elk weldenkend mens, bezorgd om zijn omgeving. Hij is wetenschapper (bioloog), milieukundige en ruimtelijk planner. Hij werkt ruim 35 jaar in de Vlaamse natuur- en milieuwereld. Daarnaast werkte hij ook als freelance auteur voor diverse uitgeverijen en voor Argus (voorheen Stichting Leefmilieu). Regelmatig bespreekt hij een boek voor Bond Beter Leefmilieu.

In het boek “de geschiedenis van de wereld in zeven goedkope zaken” is Marx nooit ver weg. Verwijzend naar Marx stellen Raj Patel en Jason Moore dat het kapitalisme zijn naam ontleent aan de ‘waarde in beweging’ die de transformatie van geld in goederen en goederen in geld is. Geld en waarden staan centraal in dit boek.

Patel is schrijver, activist en academicus, Moore doceert wereldgeschiedenis en wereldecologie aan Binghamton University (New York). In Patels boek “de waarde van niets” stond een opmerkelijk detail over zichzelf: als zoon van een Indiase kruidenier werd hij als jonge knaap voortdurend aangemaand om prijsetiketten te kleven op alle producten. Uitgerekend het bepalen van een prijs voor een bepaald product bleef hem heel zijn leven achtervolgen, en inspireert hem. In dit boek tonen Patel en Moore aan dat het kapitalisme ons leven dermate bepaalt dat we best over het “kapitaloceen” praten, net alsof het een nieuwe geologische periode is. Volgens hen waardeert het kapitalisme enkel wat het kan tellen, namelijk geld.

Even kijken hoe het boek start. “Permanente landbouw, steden, natiestaten, informatietechnologie en elk ander aspect van de moderne wereld hebben zich ontwikkeld gedurende een lange periode van klimatologische voorspoed. Die tijd ligt nu achter ons.“ Na de tweede zin is de toon gezet en de boodschap helder. Elke discussie is overbodig, gewoon door de zes korte woorden van zin 2.

Het verhaal van de goedkope kippen

Een boek van ongeveer 220 pagina’s tekst, waarvan ruim 40 pagina’s “inleiding”. De inleiding is ook een samenvatting. Het start met het verhaal over de kippen. Iedereen kent wel iemand die zich toelegt op het uitpluizen van reclamefolders van supermarkten, constant op vinkenslag. Regelmatig is er ergens een supermarkt die kippen, of een deel er van, voor een verleidelijke spotprijs aanbiedt, bijvoorbeeld een prijs van ongeveer 2 euro per kilo. Auto in, voorraad inslaan en diepvries aanvullen. Enkele dagen later ligt er bereide kip op het bord. Wat een teleurstelling. De kip was opvallend kleiner na bereiding, de smaak was “veeleer schabouwelijk” en als je een kippenbout aanraakte, viel die in twee. Gesakker en gevloek als resultaat. Naïef? Dom? Voorspelbaar?

Even terug naar één van de basisbeginselen van de ecologie. Stap 1: om 1 kg vlees te produceren heb je 10 kilo planten nodig. Stap 2: een brood bestaat (hoofdzakelijk) uit planten en een biobrood van ongeveer 1 kilo kost 4 à 5 euro. Voeg stap 1 en 2 samen, en dan begrijp je beter waarom kippenvlees in een biowinkel geen 2 euro maar ruim 20 euro per kilo kost. Eend is er duurder dan filet pur. Wat speelt er dan? Misleiding, misbruik, bedrog? Jason en Moore leggen het haarfijn uit in de inleiding. Ze leggen uit hoe die kip genetisch werd ontwikkeld (goedkope natuur), dat de arbeiders in de pluimveesector amper worden betaald (goedkope arbeid), dat de arbeiders voor hun fysieke en psychische zorgen niet bij de werkgever kunnen aankloppen maar op zichzelf aangewezen zijn (goedkope zorg), dat de productie van de kippen goedkope energie vereist, dat winsten worden gegenereerd en verliezen in het bakje van  de overheid worden gelegd (goedkoop geld), dat er makkelijk beroep gedaan kan worden op mensen in maatschappelijk kwetsbare posities (goedkope arbeid), en uiteraard dat het voedsel uiteindelijk goedkoop is.

Het boek bulkt van de historische feiten, feiten die een eigen plaats hebben als feit, als detail, als fait-divers, maar die vooral een bijkomende betekenis krijgen omdat ze in relatie worden gebracht met andere feiten, met een gedachte. Patel en Moore zetten de stap van feit naar structuur en conjunctuur. Braudel is voortdurend aanwezig in hun hoofd. Het boek gaat in op de geschiedenis van processen. Een voorbeeld? De grootschalige mechanisatie op de Amerikaanse boerderijen begon rond 1840 aanvankelijk bescheiden, maar groeide al snel. Tegen 1870 was een kwart van de Amerikaanse machinebouw bedoeld voor de landbouw. En dat ene feit wordt dan gebruikt als verklaring voor gebeurtenissen in Amerika én op andere plaatsen, op andere tijdstippen en voor andere sectoren. Zo leggen ze bijvoorbeeld een relatie met de sociale aspecten van de latere auto-industrie. Of nog, ze zetten voortdurend de stap van feit naar structuur en conjunctuur.

Ook in de actuele maatschappelijke discussies over PFOS komen de bedrijfsarbeiders en de professionele gebruikers van de producten, pas in tweede instantie in beeld.

Columbus was een boekhouder

Ze onderzoeken feiten en plaatsen ze regelmatig in een (andere) context of komen met (andere) verklaringen. Columbus bijvoorbeeld komt in (bijna) elk hoofdstuk wel ergens aan bod. In het lager en middelbaar onderwijs werd hij meestal bewierookt als held. Patel en Moore doorprikken de mythische figuur, voeren hem niet enkel op als gewiekst zakenman, maar ook als sluw, uitgekookt, doortrapt, gewetenloos tot misdadig. De wijze waarop hij mensen degradeerde tot handelswaar en verkocht als slaven, was louter een boekhoudkundige operatie. Ze leggen uit hoe heersers en staten afhankelijk zijn van bankiers om oorlogen te voeren, ze bespreken de klassenstrijd als een drijvende kracht in het economische bestel, ze leggen uit hoe de wet op de landloperij misbruikt werd om mensen te dwingen tot goedkope arbeid,… Intens onderzoek leidde tot een gigantische stapel feiten die ze samen legden en er een boeiend verhaal mee weefden.

Regelmatig kiezen ze, heel bewust, voor engagement, en dus voor niet-neutrale beschrijvingen. “Er is echter niets zo geschikt als een ecologische crisis om ons eraan te herinneren dat de natuur nooit goedkoop is, … zoals zo veel mensen wist Columbus heel goed wat geld was en kon hij er maar slecht mee omgaan, … een giftige cocktail van hebzucht en vroomheid, …in onze tijd waarin Goldman Sachs het Witte Huis min of meer als een filiaal behandelt, …”

Achteraan voegen ze een conclusie toe, een conclusie met een heldere maatschappelijke boodschap. Niet Columbus is de held, wel bijvoorbeeld Ken Saro-Wiwa die eind vorige eeuw in Nigeria streed tegen Shell, en het bekocht met zijn leven. Ze pleiten voor een reparation ecology, voor een solidariteit tussen milieu en arbeidersbeweging (merkwaardig detail: ook in de actuele maatschappelijke discussies over PFOS komen de bedrijfsarbeiders en de professionele gebruikers van de producten, pas in tweede instantie in beeld), voor herverdelen, voor rechtvaardigheid,…

Gedegen onderzoek

Patel en Moore zijn nauwgezette academici. 17 pagina’s noten en een zeer uitgebreide literatuurlijst (meer dan 40 pagina’s), in kleine druk. Als je dan merkt dat bijvoorbeeld Braudel er 5 keer in opgenomen is, weet je als lezer wat je kan verwachten: een zeer degelijk historisch onderzoek mét maatschappelijk engagement. Het voorbeeld van de kippen is erg herkenbaar in ons dagelijks leven, mooi uitgekiend en helder beschreven, maar het is het enige alomvattende voorbeeld in het boek. Ook gebruiken ze regelmatig meer abstracte begrippen. Dit boek lezen, vraagt een stevige inspanning.

De focus ligt op de analyse. Het beschrijven van de ideale eindsituatie voor de maatschappij en van de weg ernaartoe komt niet aan bod. De auteurs kiezen voor een (meer) rechtvaardige wereld. Zo’n begrip is snel neergeschreven, maar wat is “rechtvaardigheid” precies? Michael Sandel, een autoriteit over dit onderwerp, schreef er in 2009 een boek over met als titel “What’s the right thing to do”, vertaald als “rechtvaardigheid, wat is de juiste keuze? Hij doceert en publiceert nog steeds over dit onderwerp.

Even ter overweging, een quote over rechtvaardigheid uit het alom bejubelde boek “een klein leven” van Hanya Yanagihara: “rechtvaardigheid is voor gelukkige mensen, voor mensen die de mazzel hebben een leven te hebben geleid dat door meer zekerheden werd gekenmerkt dan door grilligheid.” Of nog, kiezen voor “rechtvaardigheid” is niet zo voor de hand liggend als het lijkt, en de invulling is moeilijk. Wat opviel in het boek “de waarde van niets” is dat Patel geen blad voor de mond neemt. Ook dat is niet veranderd. Voor de twijfelaars: de gedachten van Patel en Moore weerleggen, is een intellectueel zeer lastige opgave.