Geen grondstoffen zonder energie, geen energie zonder grondstoffen | Bond Beter Leefmilieu

U bent hier

Geen grondstoffen zonder energie, geen energie zonder grondstoffen

Kristof Debrabandere

vrijdag 29 oktober 2010

Recent verscheen een boeiend boek van TNO-wetenschapper Andre Diederen.  “Global resource depletion” focust op de relatie en onderlinge afhankelijkheid tussen energie en grondstoffen. Het opwekken van energie - zowel fossiele, nucleaire als hernieuwbare energie - vergt grote hoeveelheden materiaal. Materialen produceren uit grondstoffen kost dan weer veel energie, net als en ook het ontginnen van grondstoffen.

Een aantal strategische economische sectoren (hernieuwbare energieproductie, telecommunicatie) steunen eveneens op de beschikbaarheid van specifieke edele metalen. De vraag naar deze materialen zal dan ook sterk blijven stijgen. Wil het aanbod de vraag volgen, dan is er energie, veel energie nodig. Om die energie te produceren zijn dan weer grondstoffen nodig, die pas ontgonnen kunnen worden als de toenemende vraag naar energie kan ingevuld worden. Een cirkelredenering dus, die ons in een ongewijzigd scenario voor een patstelling plaatst. Het ontginnen van edele metalen is niet alleen energie-intensief, de voorraden zijn ook te gering om aan de vraag te voldoen. Er dreigt dus een tekort van cruciale materialen die essentieel zijn voor de omschakeling van ons huidig niet-duurzaam energiestelsel naar een energieproductie gebaseerd op duurzame hernieuwbare energie.

De vraag is dus: hoe vermijden we de patstelling? De auteur geeft zelf een aantal pistes aan: de globale energievraag moet drastisch omlaag en er is nood aan ver doorgedreven recyclage van de producten die essentiële materialen bevatten. De onderzoeker stelt de maatschappelijke relevantie van een aantal elektronische “gadgets” die wij als consumenten aan een sneltempo opsouperen in vraag. Dienen we echt strategisch cruciale metalen in te zetten in elektronische toestelletjes die vaak een levensduur hebben van minder dan 18 maanden en die nadien nog veel te weinig hergebruikt of gerecycleerd worden? Het aspect eco-design en de innovatie die hier aan vooraf gaat komen dus centraal te staan.

Een drastische daling van het globale energie- en materialenverbruik kan inderdaad enkel gebeuren indien we een aantal fundamentele aspecten van de huidige manier van produceren en consumeren structureel in vraag durven stellen. Neem nu het voorbeeld van mobiliteit, een grote energie- en materialenslokop. Met energie-efficiëntie alleen zal het totale energieverbruik van deze sterk groeiende wereldwijde sector niet dalen. Eendimensionale oplossingen, zoals het simpelweg  vervangen van verbrandingsmotoren door elektrische aandrijving, zullen op  andere barrières stuiten, zoals de beschikbaarheid van cruciale materialen. Structurele oplossingen moeten dus mobiliteit in een breder perspectief plaatsen: de rol van ruimtelijke ordening, de integratie van particulier en openbaar transport,  het herdefiniëren van het particulier transport op zich, multi-modaal transport, enz. Op economisch vlak kan de beweging naar een selectieve deglobalisering (en dus het drukken van de globale transportvraag) ook verder gezet worden.

Diezelfde fundamentele vragen kunnen ook gesteld worden op vlak van voeding, wonen & bouwen en zorg. Pas door structureel naar oplossingen te gaan werken, zal de vraag naar alsmaar meer energie en materialen kunnen beheerst worden. Met eco-efficiëntie alleen krijgen we dit niet opgelost. Enkel door structurele doorbraken te realiseren kunnen we de “loose-loose”-patstelling die Diederen blootlegt ombuigen naar een “win-win” alternatief.

Duurzaam materialenbeheer is dan niet enkel een zinvolle oefening vanuit een afval- of designoogpunt, maar een noodzakelijke voorwaarde om ten volle te kunnen inzetten op hernieuwbare energie en maatschappelijk essentiële functies zoals mobiliteit, voeding, zorg en wonen& bouwen. Pas door verstandig met materialen om te gaan en de globale energievraag structureel sterk te doen dalen, zullen we de maatschappelijke behoeften op lange termijn kunnen invullen. Het belang van dit vraagstuk kan onmogelijk onderschat worden.