Dit opiniestuk verscheen eerder in De Standaard (14/019/2020)

Hoe de volgende federale regering geschiedenis kan schrijven

Dit opiniestuk verscheen eerder in De Standaard (14/019/2020)

De nieuwe federale regering heeft een afspraak met de geschiedenis. Ze kan alle burgers weer een aantrekkelijk toekomstperspectief geven, met lagere energiefacturen, comfortabel en gezond wonen en groene mobiliteit.  Een coalitie van zeven milieu- en natuurorganisaties in ons land (BBL, BRAL, Greenpeace, IEW, Natagora, Natuurpunt, WWF), formuleert zes hefbomen voor de investeringsregering van de toekomst.

Het basisidee: investeer niet blind in een replica van het systeem van vóór corona, inclusief alle weeffouten. Maar koppel de middelen van de heropbouw aan de grote maatschappelijke uitdagingen van vandaag: de rechtvaardige transitie naar een koolstofneutrale, circulaire economie, een veerkrachtige biodiversiteit en een gezonde leefomgeving. Zo bouwen we het systeem beter op, veerkrachtiger en in lijn met de doelstellingen van het klimaatakkoord van Parijs. De bouwplannen bestaan trouwens al: het is zaak om de Europese Green Deal te vertalen in een federaal klimaat- en energieplan voor 2030. En 2030 staat voor de deur.

Momenteel geldt België als de balorige leerling van de Europese klas, die morrend excuses verzint waarom het huiswerk niet gemaakt kan worden. Dat dreigt ons ook economisch zuur te gaan opbreken. Bedrijven en investeerders verwachten -terecht- duidelijke spelregels van de overheid. Burgers -even terecht- snakken naar een toekomstperspectief. De natuur- en milieusector formuleert zes hefbomen om de toekomst weer aantrekkelijk te maken.

De fiscale bazooka die vandaag bijdraagt aan het klimaatprobleem, kan -anders gericht- een deel worden van de oplossing.

1. Groene fiscaliteit: van salariswagens naar energierenovaties 

De hefboom voor elke regering heet fiscaliteit. Vandaag subsidiëren we onze eigen files, stijgt de energiefactuur voor burgers en lijkt de kost van een vliegticket in niets op de werkelijke maatschappelijke kost ervan. Met een CO2-heffing op fossiele brandstoffen, ook in de scheep- en luchtvaart, komen er middelen vrij voor groene investeringen en lastenverlagingen.

Een uitfasering van verloning via salariswagens en de bijbehorende fossiele brandstoffen kan onze files reduceren en ons vrijer doen ademen. De fiscale bazooka die vandaag bijdraagt aan het klimaatprobleem, kan -anders gericht- een deel worden van de oplossing. Denk aan energierenovaties. Die zorgen ervoor dat burgers in een comfortabelere woning kunnen leven, en dat naast hun CO2-uitstoot ook hun energiefactuur zakt.

2. Geef de energietransitie vaart met een kernuitstap 

De kerncentrales gaan dicht, zoveel is zeker. Maar de contouren van het postnucleaire tijdperk zijn minder helder. Hoe vermijden we dat het licht uitvalt en de energiefactuur stijgt? Door de bouw van hernieuwbare energie drastisch op te schalen, onder meer op zee. Zo’n hernieuwbaar energiesysteem moet voldoende krachtig gebouwd worden om België te voorzien van schone, betrouwbare én betaalbare stroom.

Geef in de overgangsfase voorrang aan energie-efficiëntie, vraagbeheer en warmtekrachtkoppeling. Blijkt het toch onvermijdelijk om fossiele capaciteit in te schakelen, beperk dat dan in de tijd. Tot slot: als de kerncentrales straks de deuren sluiten, dan moet de federale regering ervoor zorgen dat de nucleaire exploitanten de kosten dekken van het nucleair risico, en dat ze zowel de afbraak van de centrales als het beheer van het kernafval voor hun rekening nemen.

3. Windkracht en natuur op zee 

De snelste manier om een sprong te maken inzake hernieuwbare energie? Windmolens op zee. De nieuwe federale regering moet een tand bijsteken om de voorziene 4,4 Gigawatt op de Noordzee te realiseren. Als die nieuwe windmolenparken zo ingericht worden dat ze bijdragen aan natuurherstel, dan winnen we twee keer. Zeker wanneer we een combinatie nastreven met het herstel van schelpdierbanken. Haaien en roggen zetten er hun eieren af en kleine visjes en garnalen vinden er bescherming.

4. Groene treinen die kunnen concurreren met de auto 

Het spoor kan een sleutelrol vervullen in de transitie naar een groene mobiliteit. Maar daarvoor zijn wel investeringsplannen nodig die de NMBS en Infrabel van de toekomst op de rails zetten. Helemaal emissievrij, met een beter aanbod en en de uitbouw van nachttreinen voor internationaal personenvervoer wordt het spoor een waardige concurrent voor de auto.

5. Een economie met minder afval en meer veerkracht

Plastics, bouwmaterialen, textiel en elektronica: vandaag levert de productie ervan veel afval op. Hoe dat komt? Weggooien is vaak goedkoper dan repareren. Door het herstel van apparaten te stimuleren, of door een hoeveelheid gerecycleerde inhoud bij verpakkingsmaterialen te verplichten, evolueren we naar een circulaire economie die slim omgaat met haar grondstoffen. En, aangezien grondstoffen eindig zijn en afval opruimen duur is, zal dat op termijn een veerkrachtige economie opleveren.

6. Natuur in het hart van de relance

Onze ecologische voetafdruk zet soorten en hun leefgebieden onder druk. Wat de federale regering daar aan kan doen? Door Europees en internationaal de ambitie te bepleiten om onze voetafdruk te halveren tegen 2030 en het verlies van habitats en soorten stop te zetten, neemt ze een belangrijk engagement. Daarnaast moet ons land de strijd aanbinden met wereldwijde ontbossing en met de illegale handel in wilde diersoorten en hout.

Slaagt de regering erin om alle burgers -in de eerste plaats mensen in armoede- merkbare voordelen te bieden, dan zal het draagvlak voor de transitie reusachtig zijn.

Hoe de regering geschiedenis kan schrijven? Door de toekomst niet gewoon af te wachten, maar ze zelf vorm te geven. Met deze zes hefbomen zet ze alvast stevige stappen in die richting. Slaagt ze erin om alle burgers -in de eerste plaats mensen in armoede- merkbare voordelen te bieden (zuivere lucht, groene jobs, betere mobiliteit, lagere energiefacturen en betere woningen) dan zal het draagvlak om dit gezamenlijk transitieproject te doen slagen, meer dan groot genoeg zijn.

WWF Greenpeace Natuurpunt