Lintbebouwing kost ons 126 miljoen per jaar | Bond Beter Leefmilieu

U bent hier

Lintbebouwing kost ons 126 miljoen per jaar

Erik Grietens

donderdag 14 januari 2016

Vlaanderen is wereldkampioen lintbebouwing. Met naar schatting 6.000 km lintbebouwing wordt niet alleen ons landschap om zeep geholpen, het kost ons ook handenvol geld. Alleen al voor het normale wegenonderhoud tikt de rekening aan tot 102 miljoen euro per jaar. Voor verlichting komt daar nog eens 24 miljoen euro per jaar bij. Dat blijkt uit een parlementaire vraag van Ingrid Pira (Groen) aan minister Ben Weyts (N-VA).

Veel wegen kosten veel geld

Vlaanderen is een schoolvoorbeeld van slechte ruimtelijke ordening. Lintbebouwing is alomtegenwoordig. De schattingen gaan van 4.155 km tot meer dan 6.000 km. Dat is een rij woningen van hier tot in Portugal en terug. Daarnaast zijn er de vele verspreide verkavelingen en alleenstaande woningen op het platteland. Volgens een raming van de Universiteit Gent beslaat de verspreide bebouwing in Vlaanderen een oppervlakte van maar liefst 35.500 hectare. Dat zijn 70.000 voetbalvelden.

Om dat allemaal bereikbaar te maken, hebben we enorm veel autowegen nodig. In Vlaanderen liggen zo’n 85.000 km aan verharde wegen. Daarmee hebben we het dichtste wegennet van heel Europa. Ter vergelijking: Nederland heeft 2,7 km verharde weg per vierkante kilometer, Vlaanderen 4,8 km. Nochtans heeft Nederland een hogere bevolkingsdichtheid.

Die vele wegen kosten ook veel geld. Heel veel geld. Volgens minister Ben Weyts (N-VA) bedraagt de normale onderhoudskost over de laatste drie jaar bekeken ongeveer 17.000 euro per km autoweg. Dat omvat maai- en veegwerken, het reinigen van kolken, wegmarkeringen en de winterdienst. Het (her)aanleggen zit niet in deze kost. Voor heel Vlaanderen komt dat neer op 1,4 miljard aan wegenonderhoud. Als we enkel naar de lintbebouwing kijken, gaat het om 102 miljoen euro per jaar.

De kosten voor verlichting bedragen 4.000 euro per jaar per kilometer autoweg. Ook deze kosten gaan enkel over gebruik en onderhoud, niet over vervanging. Voor heel Vlaanderen bedraagt die rekening jaarlijks 340 miljoen euro.

Ministers weten het niet

Verder blijkt uit het antwoord op de parlementaire vraag opnieuw dat er heel weinig kennis is over de kosten die onze slechte ruimtelijke ordening met zich meebrengt. Zo weet minister Weyts niet wat de meerkost is van verspreide en lintbebouwing voor het openbaar vervoer, of hoeveel geld we kunnen besparen door in te zetten op meer compacte bouwpatronen in de stads- en dorpskernen. Het is nog nooit bestudeerd. Uit een eerdere parlementaire vraag van Ingrid Pira aan minister Schauvliege (CD&V) bleek ook al dat men geen idee heeft hoeveel de meerkosten voor riolering en waterzuivering bedragen.

Dat is nochtans cruciale informatie. Nu onze regering werkt aan een nieuw beleidsplan voor de ruimtelijke ordening in Vlaanderen, is het dan ook de hoogste tijd dat de overheid studieopdrachten uitschrijft om die meerkosten in kaart te brengen. Zodat Vlaanderen veel geld kan besparen.

> De parlementaire vraag