Nieuw hoogspanningstraject voor groene energie in de maak | Bond Beter Leefmilieu

U bent hier

Nieuw hoogspanningstraject voor groene energie in de maak

Erik Grietens
Nikola Johnny Mirkovic

De Vlaamse regering keurde vorige week de startnota goed voor ‘Ventilus’, een nieuwe hoogspanningslijn in West-Vlaanderen die nodig is om extra windmolenparken op zee aan te sluiten op ons elektriciteitsnetwerk aan land. Een hoogspanningslijn aanleggen is een gevoelige ingreep, niemand heeft er graag eentje in zijn achtertuin. Maar omdat deze lijn noodzakelijk is voor de energietransitie, engageren Bond Beter Leefmilieu, Natuurpunt en de West-Vlaamse Milieufederatie zich om mee te zoeken naar het best mogelijke tracé voor omwonenden, natuur en landschap. 

Wind op zee maakt energietransitie mogelijk

Om onze klimaatambities waar te maken, moet de windcapaciteit op de Noordzee verdubbelen van 2 naar 4 gigawatt, wat overeenkomt met vier grote kerncentrales. Daarvoor worden nieuwe concessiegebieden voor offshorewindparken voorzien. Ventilus zal ervoor zorgen dat de groene elektriciteit die de windmolens in de Noordzee opwekken naar de verbruikers aan land wordt gebracht. Daarvoor is een nieuwe hoogspanningslijn nodig, want de huidige hoogspanningsverbindingen in West-Vlaanderen zitten op hun maximumcapaciteit.

Waarover gaat het juist? 

Eerst moeten elektriciteitskabels worden aangelegd vanuit de windmolenparken op zee naar het land. De getransporteerde groene elektriciteit moet vervolgens worden getransformeerd naar het juiste spanningsniveau in een nieuw hoogspanningsstation. Dat nieuwe hoogspanningsstation moet worden verbonden met het bestaande hoogspanningsstation in Avelgem via een nieuwe hoogspanningslijn.

Burgers, doe jullie zeg

Het is de bedoeling om de hoogspanningslijn te bundelen met snelwegen of andere infrastructuur, aangezien het landschap hier reeds verstoord is. Maar het exacte tracé voor Ventilus ligt nog niet vast, er zijn diverse varianten mogelijk. 

De keuze voor een tracé zal pas gebeuren na inspraak van de bevolking. Inwoners van de betrokken gemeenten worden in de loop van mei en juni uitgenodigd voor infomarkten, die op tien plaatsen in West-Vlaanderen worden georganiseerd. Het openbaar onderzoek hiervoor loopt drie maanden, tot eind juni.

Vervolgens worden de milieueffecten van de verschillende tracévarianten onderzocht in een milieu-effectenrapport. Op basis van dat onderzoek zal de Vlaamse Regering het tracé vastleggen in een Ruimtelijk Uitvoeringsplan, waarna een vergunning kan worden aangevraagd. 

Het voorstel van de milieubeweging

De milieu- en natuurverenigingen werden, samen met landbouworganisaties en ondernemersverenigingen, eerder al betrokken bij de plannen. Op basis van het gezamenlijke overleg werd een mogelijk voorkeurstracé uitgewerkt, waarbij de aanlanding in Oostende zou plaatsvinden en de kabels vanuit de zee ondergronds worden doorgetrokken naar een nieuw hoogspanningsstation op een bedrijventerrein in Brugge. Dat maakt het dan ook mogelijk om een bestaande 150 kV-verbinding tussen Oostende en Brugge mee ondergronds te brengen. Dat zou een goede zaak zijn voor de natuur, omdat er nu veel trekvogels tegen deze lijn te pletter vliegen. 

Vanuit het hoogspanningsstation in Brugge kunnen bestaande hoogspanningstrajecten voor een groot deel hergebruikt en gemoderniseerd worden. Over een lengte van zo’n 20 kilometer moet een volledige nieuwe verbinding aangelegd, worden richting Izegem en Avelgem. Dat kan voor het grootste deel langs de autosnelweg E403. Technisch is het niet mogelijk om het volledige tracé ondergronds aan te leggen. Dat kan wel over een beperkte afstand van enkele kilometers, bijvoorbeeld in de buurt van een dorpskern.  

Wil je meer informatie over het plan, de infomarkten en de inspraakmogelijkheden? Surf naar www.ventilus.be

Erik Grietens

Beleidsmedewerker ruimte

Na 20 jaar kent ruimtelijke ordening geen geheimen meer voor Erik Grietens, maakt niet uit of het over betonstop, kernversterking of de kostprijs van onze versnipperde bebouwing gaat.

Ontvang InZicht

Wekelijks onze kijk op de milieu-actualiteit