Zwerfvuilakkoord tussen Schauvliege en verpakkingsindustrie biedt weinig hoop op schone straten | Bond Beter Leefmilieu

U bent hier

Zwerfvuilakkoord tussen Schauvliege en verpakkingsindustrie biedt weinig hoop op schone straten

Persbericht Bond Beter Leefmilieu

maandag 18 januari 2016

Vandaag sluiten minister Joke Schauvliege (CD&V), Fevia, Comeos en Fost Plus een akkoord om zwerfvuil tegen te gaan. Om de invoering van statiegeld af te wenden, legt de industrie jaarlijks 9,6 miljoen euro op tafel. In 2018 wordt bekeken of voldoende vooruitgang is geboekt. Zo niet wordt statiegeld alsnog ingevoerd, aldus Schauvliege. Bond Beter Leefmilieu is niet onder de indruk: “D​it is een beproefde vertragingstactiek van de verpakkingsindustrie.”

“Het akkoord is business as usual”

De 9,6 miljoen euro gaat naar een vijfpijlerplan dat inzet op meer sensibilisatie, handhaving, veegacties, vuilnisbakken, participatie in de samenleving en een beter onderhouden omgeving. In tegenstelling tot statiegeld zal het plan geen noemenswaardig effect hebben op de recyclage van flesjes en blikjes.

Rob Buurman van Bond Beter Leefmilieu: “Het akkoord betekent een continuering van het huidige beleid waarvan juist het effect ter discussie staat. Het is de vraag of nog meer communicatiecampagnes en opruimacties nuttig zijn. Men zou het probleem beter bij de bron aanpakken door statiegeld in te voeren. Wanneer een flesje of blikje geld waard is, zal niemand het nog weggooien.”

Het akkoord helpt de circulaire economie niet

Flesjes en blikjes maken 40% van het volume zwerfvuil uit. In Denemarken en Duitsland liggen die flesjes en blikjes niet meer op straat omdat ze daar lang geleden al statiegeld hebben ingevoerd. Bovendien maakt statiegeld onderdeel uit van een circulaire economie. Het zou de recyclage van drankverpakkingen gevoelig verbeteren: voor plastic flesjes zelfs met tientallen procenten.

“Het zwerfvuil moet nauwkeurig worden gemeten”

Omdat de eventuele invoering van statiegeld afhangt van het resultaat dat Fost Plus de komende jaren boekt, is het cruciaal dat de opvolging van het zwerfvuil nauwkeurig en objectief verloopt.

Rob Buurman: “Er moet objectief gemeten worden hoeveel zwerfvuil op straat ligt en ook of de mensen daadwerkelijk minder weggooien. Daarbij moet rekening gehouden worden met het verstorende effect van bijvoorbeeld opruimacties of het effect van de seizoenen op het zwerfvuil.​”

Het is nog onduidelijk hoe de evaluatie in 2018 zal verlopen. “Wij roepen de minister op om de grens bij 40% minder zwerfvuil te stellen, want dat zou ook het effect van statiegeld zijn,” zegt Rob Buurman.