Capaciteit verbrandingsovens is sterk onderbenut | Bond Beter Leefmilieu

U bent hier

Capaciteit verbrandingsovens is sterk onderbenut

Kristof Debrabandere

donderdag 13 november 2008

Sinds vorig jaar wordt er geen huishoudelijk afval meer gestort in Vlaanderen. Daarmee is er echter geen einde gekomen aan het storten van afval. Jaarlijks verdwijnt er slordige 1,7 miljoen ton bedrijfsafval onder de grond. Daarvan is er nog zo’n 750.000 ton brandbaar materiaal. Eén van de redenen die steevast wordt aangehaald om door te gaan met het storten van bedrijfsafval is dat er onvoldoende verbrandingscapaciteit beschikbaar zou zijn.

Dat blijkt niet te kloppen. De bestaande verbrandingsovens functioneren op dit ogenblik beduidend onder hun capaciteit. Reden daarvoor is de slechte afstemming tussen het ovenconcept (ontworpen voor laagcalorische verbranding) en het aangevoerde afval. In dat laatste zit immers een belangrijke hoogcalorische fractie: het huishoudelijk plastic. Zouden de ovens op volle toeren draaien, dan zouden de temperaturen zo hoog oplopen dat de oven vernietigd zou worden. En dus kiezen de operatoren ervoor om minder afval te verbranden dan het volume dat de oven aankan. Hierdoor gaat heel wat capaciteit verloren.

De oplossing ligt voor de hand. Er moet veel meer plastic verpakkingsafval uit de traditionele afvalstromen worden gehaald. Zo zou er plots heel wat ruimte vrijkomen om bedrijfsafval, dat nu nog wordt gestort, nuttig te verbranden – 240 miljoen kilo om precies te zijn.

Van de geschatte jaarproductie van ongeveer 22 kg plastic verpakkingsafval per persoon, wordt er slechts een 7 kg opgehaald door Fost Plus (blauwe zak). Er blijft dus een ruime marge tot verbetering.

Indien er in Vlaanderen per persoon bijkomend 10 kg gemengd kunststofafval per jaar apart ingezameld zou worden, geeft dat een vermindering van 60 miljoen kilo hoogcalorisch kunststofafval uit de verbrandingsovens.

Na selectief inzamelen en recycleren van deze 60 miljoen kilo kunststof, kan de vrijgekomen verbrandingscapaciteit vervangen worden door het viervoud aan laagcalorisch brandbaar afval, of zo´n 240 miljoen kilo afval: één derde van de hoeveelheid die momenteel nog gestort wordt.

Over het algemeen overheerst in Vlaanderen de gedachte dat we op vlak van afval goed bezig zijn. In werkelijkheid laten we nog heel wat mogelijkheden liggen.