Hernieuwbaar gas is geen wondermiddel | Bond Beter Leefmilieu

U bent hier

Hernieuwbaar gas is geen wondermiddel

Benjamin Clarysse
Foto Shutterstock

Hernieuwbaar methaan kan maximum 12 procent van het verwachte Europese gasverbruik in 2050 vervangen. Dat is de conclusie van The International Council on Clean Transportation (ICCT) in zijn rapport over de rol van hernieuwbaar methaan in de Europese decarbonisatie. Een stuk minder dan de 26 procent die een eerdere studie in opdracht van Gas for Climate, een consortium van gasnetbeheerders, voorspelde. Beleidsmakers zetten dus maar beter niet al hun geld in op hernieuwbaar gas als hét wondermiddel van de energietransitie. 

Hernieuwbaar methaan is niet altijd duurzaam

Onder bepaalde omstandigheden kan hernieuwbaar methaan uit mest of afvalwater leiden tot een beperking van de emissies, maar de resultaten hangen sterk af van de gebruikte grondstof en het proces. Vergisting van dierlijke mest, afvalslib, groenafval en gewasoverschotten, maar ook power-to-gas waarbij methaan gemaakt wordt uit hernieuwbare elektriciteit, halen de beste resultaten. Vergisting van energiemaïs en vergassing van rondhout scoren daarentegen amper beter dan fossiel gas op vlak van uitstoot. Rondhout kan veel beter dienen in de bouwsector dan vergast te worden. Energiemaïs komt rechtstreeks in competitie voor landgebruik met voedingsgewassen. 

Op dit laatste punt wijkt de nieuwe ICCT-studie sterk af van de projecties van Gas for Climate. Maïs als tweede gewas voor of na het hoofdgewas op dezelfde landbouwgrond mag dan wel goed werken in de Italiaanse Po-vallei, een extrapolatie van deze aanpak naar de rest van Europa - zoals Gas for Climate voorstelt - is volgens de ICCT-onderzoekers niet realistisch. Amper 3 procent van de Europese landbouwgrond zou in aanmerking komen. 

Bovendien zijn tussengewassen in de praktijk eerder gewassen met een lage opbrengst en een snelle rotatie zoals radijzen of gele mosterd. De boer wil hiermee eerder erosie tegengaan en de voorraad stikstof en organische stof in de bodem opkrikken. Er is volgens ICCT geen enkele aanwijzing of trend dat landbouwers massaal zouden overschakelen op maïs voor energie. 

Methaanlekken onderbelicht probleem

De ICCT-studie wijst ook op de onderbelichte uitstoot van methaan door lekken. Methaan is als broeikasgas ongeveer 28 keer zo sterk als CO2. De weinige data die beschikbaar zijn wijzen erop dat net als bij aardgaswinning ook bij vergistingsinstallaties tot 2 procent methaan kan weglekken. Bij gebruik van gas in verbrandingsmotoren of cv-ketels mag je nog eens rekenen op 1 tot 3 procent lekverliezen. Alles samen haalt dit het broeikasgasreductiepotentieel van hernieuwbaar gas sterk naar beneden.

Mestvergisting moet in de eerste plaats gebruikt worden voor on-site elektriciteitsproductie. Ook BBL ziet duurzame kansen voor de biogassector op kleine en grondgebonden schaal. Maar in de specifieke Vlaamse context moeten we erover waken dat biogas geen hypotheek legt op de afbouw van de veestapel. Alle producenten van hernieuwbaar methaan zouden minimum standaarden moeten volgen om methaanlekken te voorkomen. Ook in Vlaanderen is er nood aan beter cijfermateriaal over lekkage van biogas en goede verwerkingsprocedures. Door mest snel af te voeren naar de vergister, kan een groot deel van de emissies vermeden worden. 

Hernieuwbaar gas is vaak niet rendabel

Productie van hernieuwbaar gas is vandaag in heel wat gevallen nog niet commercieel rendabel omdat het moet concurreren met goedkoop fossiel gas en kampt met schaalnadelen. Ondanks de significante uitdagingen zien de onderzoekers het grootste economisch potentieel bij mestvergisting met lokaal verbruik van het opgewekte gas in een warmtekrachtkoppeling en een afzet van de stroomoverschotten op het elektriciteitsnet. Voor dichtbewoonde gebieden kan anaerobe vergisting van afvalslib een economische keuze zijn, omdat een koppeling aan het gasnetwerk hier wel haalbaar is. 

De studie plaatst ook een vraagteken bij het vaak gebruikte pleidooi voor power-to-methane of power-to-liquids, waarbij overschotten aan hernieuwbare elektriciteit opgeslagen worden in gas of vloeistof. Gas for Climate gaat uit van een potentieel van 24 miljard m3, ICCT schat dat in op amper 6 miljard m3. De ICCT onderzoekers wijzen op de evoluties van Europese netinterconnectie, elektrische voertuigen en batterijen die mogelijk oplossingen die meer kosteneffectief zijn kunnen bieden voor dit probleem.

Geen heil voor wagens op hernieuwbaar gas

De onderzoekers zien geen heil in hernieuwbaar gas voor transport en vinden dat gasvormige hernieuwbare brandstoffen al zeker geen klimaat- of andere voordelen hebben ten opzichte van vloeibare hernieuwbare brandstoffen. 

Dat mag gerust wat ambitieuzer: de auto's van de toekomst zijn elektrisch en rijden op groene stroom. Vanaf 2030 geen auto’s op diesel, benzine of aardgas meer in de showroom. Bovendien hebben we dan niet elk een auto voor de deur staan, maar delen we die elektrische wagens.

Toekomst van hernieuwbaar gas is lokaal

Kortom, hernieuwbaar gas is allesbehalve een wondermiddel. Het zal een schaars goed zijn en dus bij uitstek een lokaal verhaal. Daar horen geen lange pijpleidingen of een uitgebreid netwerk van tankstations bij. Met hernieuwbaar gas op grote schaal riskeren we een paard van Troje binnen te halen. Biomethaan wordt misbruikt om de fossiele gasinfrastructuur in stand te houden of uit te breiden. Hoewel bij moeilijk te renoveren gebouwen of wijken hernieuwbaar gas goedkoper en makkelijker kan zijn dan zware energetische renovaties, is de verwachting dat sectoren als transport en gebouwverwarming over het algemeen andere oplossingen vragen. 

Benjamin Clarysse

Beleidsmedewerker energie

Ontvang InZicht

Wekelijks onze kijk op de milieu-actualiteit