Vergroening van vervoersbelasting is de weg vooruit | Bond Beter Leefmilieu

U bent hier

Vergroening van vervoersbelasting is de weg vooruit

Mathias Bienstman

vrijdag 14 maart 2014

Het grootste potentieel voor een vergroening van de Belgische fiscaliteit zit in de transport fiscaliteit. Dat blijkt (nog maar eens) uit twee rapporten: een onderzoek van de universiteit van Aarhus en onderzoeksbureau Eunomia in opdracht van de Europese Commissie en het verslag van de Belgische Parlementaire Commissie voor fiscale hervorming. De maatregelen die de experts het meest aanbevelen zijn:

  • de afbouw van het stelsel van bedrijfswagens, 
  • het  verhogen van de accijnzen op diesel,
  • een vergroening van de verkeersbelasting en 
  • een heffing op vliegtuigtickets.

Hogere accijnzen op diesel en andere transportbrandstoffen, een vergroening van de verkeersbelasting en een heffing op vliegtuigtickets kunnen in 2025 samen 5,2 miljard euro bijkomende inkomsten genereren, leert het onderzoek van de universiteit van Aarhus en Eunomia. De onderzoekers citeren ook de studie van Kopenhagen Economics,  die concludeert dat de afbouw van de verloning met salariswagens en tankkaarten bijkomend voor 4 miljard euro overheidsinkomsten zou zorgen. 

Eunomia en de universiteit van Aarhus schatten de inkomsten van de fiscale ingrepen nog hoger in dan de milieubeweging, die in haar fiscale fiches (LINK voorzien naar de 11 fiscale maatregelen) dezelfde maatregelen voorstelt. De cijfers tonen aan dat het een haalbare kaart moet zijn om ongeveer 3,5 miljard euro of 1% van het BNP extra uit de milieufiscaliteit te halen, zoals de milieubeweging voorstelt. Zo zou België op het Europese gemiddelde van inkomsten uit milieubelastingen komen en niet langer achteraan het peloton bengelen.

Het verslag van de parlementaire commissie leert dat de meeste geraadpleegde experts voor een belastingverschuiving pleiten. De extra middelen uit de milieufiscaliteit kunnen dienen om de lasten op arbeid te verlagen. Zeker bij de aanpak van het stelsel van bedrijfswagens is dat aangewezen: de hoge loonlasten worden immers meestal ingeroepen om het voortbestaan van dat stelsel te rechtvaardigen.

De voorgestelde belastingverschuiving maakt wegtransport en vliegverkeer duurder maar zorgt tegelijk voor meer financiële ruimte voor de gezinnen. Het benadeelt de gezinnen niet. Omdat de meest kwetsbaarste gezinnen vaak geen wagen hebben en nauwelijks het vliegtuig nemen, treft het evenmin onevenredig de lagere inkomensklassen. De moeilijkste discussie speelt zich af op gebied van woon-werk verkeer en de transportmogelijkheden van gezinnen die in afgelegen gebieden wonen. Maatwerk en creativiteit is daarbij aangewezen. Het mobiliteitsbudget voor woon-werkverkeer is alvast een interessante piste.