Vleesschandalen: overal. Politici: nergens te bekennen | Bond Beter Leefmilieu

U bent hier

Vleesschandalen: overal. Politici: nergens te bekennen

Laurens De Meyer

De bewijzen dat de nietsontziende industriële veeteelt op zijn grenzen botst, stapelen zich in sneltempo op. Van bedorven importvlees tot gillende varkens: iedereen is verontwaardigd. En toch lijkt de politiek rustig achterover leunend de storm aan zich te laten passeren. Waarom dit momentum niet aangrijpen om de landbouw- en voedingssector echt in beweging te zetten? 

De risico’s verbonden met onze industriële veeteelt vallen immers één na één als varkenslijken uit de kast. We importeren bedorven vlees, organiseren Tieltse martelfabrieken en vernietigen en passant ons milieu en onze gezondheid. Vorige week kwam ook in het nieuws dat de normen opgelegd door het mestactieplan niet worden gehaald. 

Op vlak van gezondheid is er de overconsumptie van vlees en sluipende gevaren zoals antibioticaresistentie en de verspreiding van schadelijke bacteriën. Bovendien kost ons overmatige vleesverbruik ons 1,3 miljard euro extra op de gezondheidszorg, vergeleken met een meer plantaardig dieet. Tel daar nog eens malafide praktijken zoals de zwendel in bedorven Braziliaans rundsvlees bij op, en het is duidelijk dat de huidige vleesindustrie een ernstig maatschappelijk probleem is.

Systeemcrisis = nood visie

Als je het bovenstaande lijstje bekijkt, zou je een sterke politieke initiatieven verwachten. Enkel op vlak van dierenwelzijn wordt actie ondernomen. Terwijl het zwaartepunt van de verantwoordelijkheid bij volksgezondheid, landbouw en leefmilieu ligt. Onze ministers bewandelen al te vaak het pad van het verminderen van één probleem. Terwijl een dergelijke systeemcrisis ook een breed omkaderde aanpak vergt, waar een sterke visie uit spreekt. Wij lijsten het huiswerk voor de ministers op.

Joke, gooi de keuken om

De boodschap aan landbouwminister Schauvliege (CD&V) is duidelijk: de interne keuken van ons landbouwbeleid moet worden omgegooid. Het momentum is daar om de transitie naar een meer plantaardige voeding door te laten breken. 

Dit kan door onderzoek naar plantaardige alternatieven extra te ondersteunen. Onderzoeksinstanties zoals het ILVO kunnen hier een voortrekkersrol in spelen. Het kan de deuren open voor een innovatieve en duurzame bedrijfstak die echte maatschappelijke meerwaarde creëert. 

Ministeries moeten het goede voorbeeld geven en inspirerend werken. Maak daarom alle catering in de cafetaria en op recepties plantaardig. Dit zou een enorm sterk signaal geven aan de volledige sector. Duitsland deed het u al voor.

Ook de primaire producenten hebben ondersteuning nodig. Als we werk willen maken van een weerbare landbouw die goed is voor mens, dier en milieu moeten we transitiepaden financieren. Hierdoor kunnen landbouwers investeren in andere productiemethodes die wel toekomst en een eerlijk inkomen bieden. 

Maggie, blok de vleesconsumptie af

Ook minister De Block (Open Vld) van Volksgezondheid heeft een verantwoordelijkheid. De overheidscommunicatie over gezondheid en vlees is nog veel te onduidelijk. De eerste voedingsrichtlijn in gezondheidsadviezen moet worden: ‘schakel over op een meer plantaardig dieet’. 

In onze buurlanden worden deze inzichten reeds meegenomen in voedingsrichtlijnen. Het opzetten van campagnes om een plantaardige voeding actief te promoten, zijn aan de orde. De minister is het aan haarzelf, aan de burgers en aan de staatskas verplicht om dergelijke maatregelen te nemen. 

Politici, genoeg gewacht, tijd voor actie!

Laurens De Meyer

Beleidsmedewerker voeding en landbouw

Als industrieel ingenieur in de voedingsindustrie legt Laurens in toegankelijke taal uit wat er gebeurt met je eten voor het op je bord komt en welk effect de landbouw heeft op onze omgeving.

Ontvang InZicht

Wekelijks onze kijk op de milieu-actualiteit