Europa zet de wegwerpeconomie bij het huisvuil | Bond Beter Leefmilieu

U bent hier

Europa zet de wegwerpeconomie bij het huisvuil

Olivier Beys
cc Nikolai Chernichenko
Laptops zijn dure dingen, ze horen dan ook makkelijk te repareren te zijn. Dat is een van de beloftes van dit actieplan.

Het is tijd om de lineaire wegwerpeconomie bij het huisvuil te zetten, vindt de Europese Commissie. Om dat te realiseren stelde het een gloednieuw actieplan circulaire economie op. Het plan vormt een van de steunpilaren van de Green Deal, en terecht. Ons grondstofgebruik en de klimaatagenda zijn nauw verweven met elkaar. Maar is het ook een goed plan?

Een tijdje geleden spraken we lovende woorden over een gelekte versie van het plan. De definitieve versie houdt vrij goed stand, al speelt de Commissie hier en daar een valse noot. En toch, als we alle 35 maatregelen maximaal invullen de komende jaren, dan zetten we forse schreden richting een nieuwe en meer duurzame economische wereld.

Het actieplan is het meest ambitieuze voorstel ooit om de milieu- en klimaatimpact van onze producten en economische activiteiten te verminderen. Onze Europese collega's van European Environmental Bureau maakten een eerste beknopte analyse van het plan. Wij lichten kort een aantal punten toe die nog een extra vermelding verdienen. 

We zijn behoorlijk enthousiast over de voorstellen voor een circulair productbeleid. We denken aan de invoering van een productpaspoort, het recht op repareren, minimumcriteria voor publieke aanbestedingen en allerhande maatregelen voor circulair IT-materiaal (zoals smartphones en laptops) en batterijen, preventiedoelstellingen voor verpakkingen en de halvering (!) van restafval tegen 2030.

Valse noot

De Commissie stelt voor om de transitie in te zetten naar een ‘regeneratief groeimodel’ dat meer aan de planeet teruggeeft dan het neemt. Klinkt goed op het eerste zicht. Althans: veel beter dan de ‘concurrerende duurzaamheid’ uit de jaarlijkse groeistrategie (in de context van het Europees Semester). Maar we blijven op onze honger zitten.

In de eerste versie van het plan was sprake van een absolute doelstelling om ons grondstofverbruik terug te dringen, maar die is ondertussen verdwenen. Een gemiste kans van formaat. De klimaatdoelstellingen tonen aan hoeveel mobilisatiekracht en vooruitgang we kunnen boeken door doelstellingen na te streven op vlak van materiaalverbruik.

In Vlaanderen (en Nederland) zijn al doelstellingen geformuleerd om de materiaalvoetafdruk te verminderen. Het Europese plan raakt niet verder dan de ambitie deze voetafdruk te verkleinen (zonder specificering en zonder er een actie aan te koppelen) en de circulariteit van ons materiaalverbruik te verdubbelen. Wat dat laatste betreft is er nog werk aan de winkel (zie grafiek). Enkel Nederland zette de voorbije jaren kennelijk sterker in op het gebruik van gerecycleerde materialen.

  

 

Een troostprijs: we stellen vast dat de EU zich wel zal inzetten om indicatoren rond materiaalgebruik en footprints verder te ontwikkelen. Wellicht kunnen we hier de komende jaren op voortbouwen om onze argumenten voor grondstofdoelstelingen kracht bij te zetten. Want ooit zullen we het debat moeten voeren over de haalbaarheid van een groei- en ontkoppelingsagenda.

En de industrie?

De zware en energie-intensieve industrie voor basismaterialen zoals staal, cement en chemicaliën kunnen we enkel koolstofvrij maken door deze sectoren volledig circulair te maken. We verwachtten in dit plan dan ook ambitieuze maatregelen om dat mogelijk te maken, vooral omdat de zonet verschenen industriële strategie van de Commissie grotendeels een lege doos blijkt.

Een lichtpunt is het voornemen circulaire economie op te nemen in de nationale Klimaat- en Energieplannen zoals dit al op bescheiden maar onvoldoende wijze is gedaan in het Vlaamse Klimaat- en Energieplan 2030. Toch lezen we verder niets over productstandaarden rond klimaatneutraliteit of een ketenbenadering voor de grondstoffen gebruikt in de zware industrie.

Men wil weliswaar werk maken van meer gerecycleerd materiaal in productieprocessen en op zich zullen de verschillende maatregelen op vlak van productbeleid ook de industrie helpen om hun keten meer circulair te maken, maar het ambitieniveau ligt al bij al te laag. Het lijdt geen twijfel dat we hier we de komende jaren extra op moeten inzetten.

 

Olivier Beys

Beleidsmedewerker en Woordvoerder Circulaire Economie

Olivier zoekt naar oplossingen om onze grondstoffen optimaal te benutten, te hergebruiken, te delen en afval te vermijden. Verder staat hij met twee voeten in de praktijk van de deeleconomie als oprichter van gereedschapsbibliotheek Tournevie.

Meer over

Ontvang InZicht

Wekelijks onze kijk op de milieu-actualiteit